Bert van Wee en Jan Anne Annema (red.) - Verkeer en vervoer in hoofdlijnen

Bert van Wee en Jan Anne Annema (red.)

Verkeer en vervoer in hoofdlijnen

u i t g e v e r ij

c o u t i n h o

Verkeer en vervoer in hoofdlijnen

redactie

Bert van Wee en Jan Anne Annema

Derde, herziene druk

c u i t g e v e r ij

c o u t i n h o

bussum 2014

Website Bij dit boek hoort een website met extra materiaal. De website is te vinden via www.coutinho.nl/verkeer .

© 2002 Uitgeverij Coutinho bv Alle rechten voorbehouden.

Behoudens de in of krachtens de Auteurswet van 1912 gestelde uitzonderingen mag niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd ge- gevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektro- nisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van reprografische verveelvoudigingen uit deze uitgave is toege- staan op grond van artikel 16 h Auteurswet 1912 dient men de daarvoor wettelijk ver- schuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Reprorecht (Postbus 3051, 2130 KB Hoofddorp, www.reprorecht.nl). Voor het overnemen van (een) gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet 1912) kan men zich wenden tot Stichting PRO (Stichting Publicatie- en Reproductie- rechten Organisatie, Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp, www.stichting-pro.nl).

Eerste druk 2002 Derde, herziene druk 2014

Uitgeverij Coutinho Postbus 333 1400 AH Bussum info@coutinho.nl www.coutinho.nl

Omslag: Ontwerpbureau NEO, Velp

Noot van de uitgever Wij hebben alle moeite gedaan om rechthebbenden van copyright te achterhalen. Per- sonen of instanties die aanspraak maken op bepaalde rechten, wordt vriendelijk ver- zocht contact op te nemen met de uitgever.

ISBN 978 90 469 0423 7 NUR 903

Voorwoord

Voorwoord bij de tweede druk Dit boek is een geactualiseerde versie van Verkeer en vervoer in hoofdlijnen , dat in 2002 voor het eerst verscheen. Opzet, structuur en inhoud op hoofdlij- nen zijn gelijk gebleven. De inhoud is geactualiseerd (data, wetenschappelijke inzichten, beleidspraktijk), en er heeft een extra redactieslag plaatsgevonden. Over verkeer en vervoer zijn vele, ook Nederlandstalige boeken verschenen. In die boeken staat vaak één perspectief centraal, bijvoorbeeld een economisch of psychologisch perspectief. Andere boeken beperken zich weer tot slechts één deelonderwerp, bijvoorbeeld milieu of verkeersveiligheid. Waar het tot voor het verschijnen van de eerste druk van dit boek dan ook aan ontbroken heeft, is een Nederlandstalig boek dat vanuit verschillende invalshoeken de diverse aspecten van verkeer en vervoer in hoofdlijnen behandelt. Anno 2009 is dat nog steeds zo. In deze leemte beoogt dit boek te voorzien. We hebben ge- tracht een samenhangend beeld te schetsen van de werking van het verkeers- en vervoerssysteem, de effecten ervan en het hoe en waarom van verkeers- en vervoersbeleid. Onze aanpak is daarom multidisciplinair, dat wil zeggen dat we gebruikmaken van inzichten uit onder meer de economie, ruimtelijke we- tenschappen, psychologie en civiele techniek. Het boek is bedoeld voor gebruik in het onderwijs (hbo, universiteit, postaca- demisch onderwijs) en voor zelfstudie. Uitgangspunt bij het schrijven was dat we deze multidisciplinaire aanpak uiteen wilden zetten in één boek van maxi- maal 375 pagina’s. We realiseren ons dat dit boek daardoor niet in alle behoef- ten voorziet van de gemiddelde lezer, en we zien dit boek dan ook als een basis, een introductie. De opzet, structuur en inhoud van deze nieuwe druk zijn in hoofdlijnen gelijk aan die van de eerste druk, en zijn tot stand gekomen dankzij de waardevolle suggesties die we van vele mensen hebben mogen ontvangen bij de opzet van de versie uit 2002. In het bijzonder bedanken we Jacques Sistermans (inder- tijd: Adviesdienst Verkeer en Vervoer), Arie Bleijenberg, Liesbeth Slagter, Jo- han van Harmelen (indertijd: ministerie van Verkeer enWaterstaat) en Martin Kroon (indertijd: ministerie van Verkeer, Ruimtelijke Ordening en Milieube- heer). Verder bedanken we de deelnemers aan de cursus ‘Verkeer en vervoer: een introductie’ gehouden op 18 en 19 oktober 2000 en georganiseerd door de

interuniversitaire stichting voor postacademisch onderwijs in de vervoerswe- tenschappen en verkeerskunde (PAO). Deze cursus was een soort try-out, en de suggesties van de deelnemers stelden ons in staat de inhoud van dit boek beter af te stemmen op de behoeften van de potentiële gebruikers. Daarnaast bedanken we de redactie van Uitgeverij Coutinho voor de plezierige samen- werking bij de totstandkoming van deze nieuwe druk, en Margriet Argicola voor haar commentaar op het concept ervan. Verder willen we de auteurs van de diverse hoofdstukken hartelijk danken voor hun bijdragen. Martin Dijst (Universiteit Utrecht), een van de auteurs, was mede-editor van de eerste druk. Jan Anne Annema (TU Delft) heeft die rol overgenomen. Als u vragen of opmerkingen hebt naar aanleiding van dit boek of de onderde- len die wij voornemens zijn op het internet te plaatsen, kunt u met ons contact opnemen, bij voorkeur per e-mail: info@coutinho.nl. Coutinho zal uw reac- ties dan aan ons doorspelen. Suggesties ten aanzien van inhoud en structuur stellen we zeer op prijs. We hopen dat dit boek veelvuldig gebruikt zal worden voor onderwijs- en zelf- studiedoeleinden.

Bert van Wee en Jan Anne Annema Delft, oktober 2009

Voorwoord bij de derde druk Deze druk is inhoudelijk gelijk aan de tweede, herziene druk uit 2009. Alleen zijn zo veel mogelijk cijfers en figuren geactualiseerd. We hopen opnieuw dat dit boek veelvuldig gebruikt zal worden voor onder- wijs- en zelfstudiedoeleinden.

Bert van Wee en Jan Anne Annema, Delft, juni 2014

Inhoud

1 Inleiding

11

2 Verkeer en vervoer: een introductie

15 15 16 18 23 24 25

2.1 Inleiding

2.2 Conceptueel model 2.3 Personenvervoer 2.4 Goederenvervoer

2.5 Techniek; verdelen van verkeersstromen over ruimte en tijd

2.6 Beleid

DEEL I Het verkeers- en vervoerssysteem

3 Behoeften, mogelijkheden en gedragskeuzen met betrekking tot het verplaatsingsgedrag: een multidisciplinair perspectief

31 31 32 38 43 43 45 50 55 57 57 58 67 69 70 71 72 75 83

3.1 Inleiding

3.2 Conceptueel model verplaatsingsgedrag 3.3 Gedragskeuzen vanuit psychologisch perspectief 3.4 Gedragskeuzen vanuit economisch perspectief

3.4.1 Nutsfuncties

3.4.2 Economische verklaringen voor keuzen met betrekking tot verplaatsingsgedrag

3.5 Gedragskeuzen vanuit geografisch perspectief

3.6 Conclusies en synthese

4 Goederenvervoer: beschrijving, verklaring en verkenning

4.1 Inleiding

4.2 Indicatoren voor het goederenvervoer

4.3 Determinanten voor ontwikkelingen in het goederenvervoer

4.3.1 Productie en consumptie

4.3.2 Binnenlandse en internationale handel 4.3.3 Locatie en omvang voorraden 4.3.4 Gebruik van vervoerswijzen en infrastructuur 4.4 Megatrends en gevolgen voor de goederenmobiliteit

4.5 Conclusies

5 Ruimtelijke inrichting

85 85 86

5.1 Inleiding

5.2 Schaalniveaus, indicatoren en invloedsfactoren 5.3 Onderzoeken naar de invloed van ruimtelijke inrichting op verkeer

91

5.4 Interpretatie van onderzoeksresultaten

100 104 106 107 107 109 116 119 122 126

5.5 Ruimtelijke-inrichtingsvarianten: hoe te beoordelen?

5.6 Conclusies

6 Weerstanden van verplaatsingen: tijd, kosten en moeite

6.1 Inleiding

6.2 De rol van verplaatsingstijd in het personenvervoer 6.3 De rol van verplaatsingskosten in het personenvervoer

6.4 Overige weerstandscomponenten

6.5 De rol van weerstandscomponenten in het goederenvervoer

6.6 Conclusies

DEEL II Effecten op milieu, bereikbaarheid en veiligheid

7 De invloed van technologie in verkeer en vervoer op milieu, veiligheid en bereikbaarheid

129 129

7.1 Inleiding

7.2 Technologiedynamica 130 7.3 Uitputting van fossiele energiebronnen en klimaatverandering 138 7.4 Lokale en grootschalige luchtverontreiniging 144 7.5 Geluidshinder 148 7.6 Veiligheid van vervoersmiddelen en vervoerssystemen 153 7.7 Bereikbaarheid en congestie 157 7.8 Drijvende krachten 161 7.9 Conclusies 165 8 Bereikbaarheid: perspectieven, indicatoren en toepassingen 167 8.1 Inleiding 167 8.2 Perspectieven op bereikbaarheid 170 8.3 Operationalisatie in hoofdlijnen: indicatoren voor bereikbaarheid 172 8.4 Twee voorbeelden van benaderingen van bereikbaarheid 180 8.5 Het gebruik van bereikbaarheidsmaten 184 8.6 Conclusies 186

9 Verkeer en milieu

187 187 188 192

9.1 Inleiding

9.2 Milieuproblemen in het algemeen 9.3 Milieuproblemen veroorzaakt door verkeer

9.4 Oorzaken van milieubelasting door verkeer en aanknopings- punten voor beleid 9.5 Verkeer en vervoer en klimaatbeleid voor de middellange en lange termijn

197

201 205 207 207 208 212 219 224 227 230 235 239 239 240 241 243 249 252 256 257 257 259 260 261 263

9.6 Conclusies

10 Verkeersonveiligheid

10.1 Inleiding

10.2 Factoren die verkeersonveiligheid bepalen

10.3 Verkeersonveiligheid in cijfers

10.4 Slachtoffers en risico’s naar leeftijd, wijze van verkeersdeelname en wegtype

10.5 Risicoverhogende omstandigheden 10.6 Verkeersonveiligheid in historisch perspectief

10.7 Duurzaam Veilig

10.8 Conclusies

DEEL III Beleid en onderzoek

11 Beleid: bereikbaarheid, veiligheid en milieu

11.1 Inleiding

11.2 De rol van de overheid in de beleidsafweging rond verkeer en vervoer

11.3 Externe effecten van verkeer 11.4 Beleidsafwegingen: de theorie

11.5 Praktijk van overheidsbeleid: externe kosten, infrastructuur en openbaar vervoer 11.6 Overzicht huidig verkeers- en vervoersbeleid

11.7 Conclusies

12 Toekomstonderzoek: functie, methodologie en voorbeelden

12.1 Inleiding

12.2 Het belang van toekomstonderzoek 12.3 Rol en functie van scenario’s 12.4 Verschillende vormen en typen scenario’s 12.5 Het proces van scenariobouw en eisen aan scenario’s

12.6 Voorbeelden van scenarioprojecten in relatie tot hun functie

267 272

12.7 Conclusies

13 Afwegingskader voor beleid: kosten-batenanalyse en multicriteria-analyse

275 275 277 279 279 285 286 289 292 296 299 299 301 306 307 309 312 312 316 318 319 322

13.1 Inleiding

13.2 Afweging tegenover normstelling 13.3 Waardering van effecten: KBA en MCA 13.3.1 Kosten-batenanalyse (KBA) 13.3.2 Multicriteria-analyse (MCA) 13.4 Vergelijking van KBA en MCA 13.5 Waardering van milieueffecten

13.6 Reistijdwaardering

13.7 Conclusies

14 Verkeers- en vervoersmodellen en toepassingen

14.1 Inleiding

14.2 Typen modellen 14.3 Elasticiteiten

14.4 Het traditionele geaggregeerde model 14.5 Gedesaggregeerde modellen

14.6 Voorbeelden van modellen

14.6.1 Het Landelijk Model Systeem

14.6.2 Dynamo 14.6.3 SMILE

14.7 Wat kun je wel en wat kun je niet met een model?

14.8 Conclusies

Noten

323

Verklarende woordenlijst

325

Literatuur

337

Register

367

Over de auteurs

375

1

Inleiding

Bert van Wee & Jan Anne Annema

Het doel van dit boek is om in hoofdlijnen aan te geven hoe het verkeers- en vervoerssysteem in elkaar zit, wat de invloed van dat systeem is op bereikbaar- heid, veiligheid en milieu, en waarop en hoe verkeers- en vervoersbeleid wordt gevoerd. In dit boek richten wij ons op diegenen die een algemeen beeld willen krijgen van verkeer en vervoer inclusief de maatschappelijke effecten ervan. We den- ken daarbij aan studenten die een hbo-opleiding volgen waarbij dit thema aan bod komt, maar ook aan mensen die wel een hbo- of universitaire opleiding of werk- en denkniveau hebben, maar geen specifieke opleiding op het gebied van verkeer en vervoer. Het boek is als volgt gestructureerd. Na dit inleidende hoofdstuk 1 volgt in hoofdstuk 2 een algemene introductie op de onderwerpen die in dit boek cen- traal staan en wordt tevens de samenhang tussen die onderwerpen verhelderd. Dit hoofdstuk is opgezet vanuit een schema, een conceptueel model, dat in- zichtelijk maakt hoe verschillende factoren als behoeften, ruimtelijke inrich- ting en de verplaatsingsweerstand (met name tijd en geld) elkaar beïnvloeden, en hoe dergelijke factoren samenhangen met ontwikkelingen in bereikbaar- heid, veiligheid en milieu. In deel I (de hoofdstukken 3 tot en met 6) beschrijven we hoe het verkeers- en vervoerssysteem in elkaar zit, en gaan we achtereenvolgens in op personenver- voer (hoofdstuk 3, de behoeften van mensen) en goederenvervoer (hoofdstuk 4, de behoeften aan goederenvervoer van bedrijven), de ruimtelijke inrichting (hoofdstuk 5) en de verplaatsingsweerstand (hoofdstuk 6). In deze hoofdstuk- ken 3 tot en met 6 komen ook de relaties tussen de componenten van het totale verkeers- en vervoerssysteem aan bod. Hoofdstuk 3 maakt duidelijk dat ver- plaatsingen van mensen een afgeleide zijn van hun activiteitenpatroon: ver- plaatsen is meestal geen doel op zich, maar een middel om op verschillende plekken activiteiten te ontplooien, zoals wonen, werken, het volgen van on- derwijs, winkelen en recreëren. Dat activiteitenpatroon is afhankelijk van de mogelijkheden en beperkingen die mensen hebben. Hoofdstuk 4 gaat over de

11

Verkeer en vervoer in hoofdlijnen

behoeften van bedrijven om goederen te verplaatsen, en maakt duidelijk dat het goederenvervoer zeer divers is van aard en verschijningsvorm: er zijn vele soorten goederen, variërend van delfstoffen tot chips voor computers. Ver- der zijn er diverse vervoersmiddelen, van binnenschepen tot vliegtuigen, en er zijn vele soorten producenten en afnemers van goederen met hun eigen logistieke organisatie, die zich op vele verschillende soorten locaties bevinden. Deze diversiteit is verantwoordelijk voor de complexe samenhang tussen eco- nomische, maatschappelijke en logistieke ontwikkelingen. Hoofdstuk 5 gaat in op de invloed van ruimtelijke inrichting op het verplaatsingsgedrag. Aan bod komen onder meer het belang van functiemenging (bijvoorbeeld wanneer in één gebied zowel woningen als winkels en bedrijven voorkomen), dichthe- den (bijvoorbeeld het aantal woningen per hectare) en de afstemming tussen ruimtelijke inrichting en infrastructuur. Bij die afstemming tussen ruimtelijke inrichting en infrastructuur gaat het om de vraag hoe de locaties van wonen, werken en andere activiteiten gelegen zijn ten opzichte van infrastructuur, zo- als wegen, op- en afritten, stations en haltes van het openbaar vervoer. Hoofd- stuk 6 legt uit hoe infrastructurele ontwikkelingen de ontwikkelingen in ver- keer en vervoer hebben gestuurd, en dat de verbeterde infrastructuur heeft geresulteerd in kortere reistijden, en daarmee heeft bijgedragen aan een groei van zowel het personen- als goederenvervoer. Nadat aldus de diverse factoren die ontwikkelingen in verkeer en vervoer be- ïnvloeden zijn behandeld, gaan we in deel II (de hoofdstukken 7 tot en met 10) in op de effecten van het verkeers- en vervoerssysteem op bereikbaarheid, milieu en verkeersonveiligheid. Omdat die effecten niet alleen afhangen van de factoren zoals beschreven in de hoofdstukken 3 tot en met 6, maar ook van technische ontwikkelingen, gaat hoofdstuk 7 in op die technische ontwikke- lingen, en vervolgens ook op de genoemde effecten zelf. Hoofdstuk 8 geeft een overzicht van diverse benaderingen van het begrip ‘bereikbaarheid’, alsmede van de voor- en nadelen en de toepassingsmogelijkheden van die benaderin- gen. Hoofdstuk 9 geeft een overzicht van de milieu-impact van het verkeers- en vervoerssysteem, van mondiale effecten (met name klimaatverandering) tot en met lokale effecten als geluidshinder en lokale luchtverontreiniging. Hoofdstuk 10 gaat in op de verkeersonveiligheid, en maakt duidelijk dat van alle verkeersslachtoffers de meesten in het wegverkeer vallen. Toe- of afname van het aantal verkeersslachtoffers blijkt samen te hangen met ontwikkelingen in de wegomgeving, de weggebruiker en het voertuig. Deel III (de hoofdstukken 11 tot en met 14) gaat over beleid en onderzoek. Hoofdstuk 11 geeft in hoofdlijnen aan waarom de overheid verkeers- en ver- voersbeleid voert. Tevens gaat het in op de taken en verantwoordelijkheden die de EU, het rijk, de provincies en de gemeenten hebben. Hoofdstuk 12 gaat in op het toekomstonderzoek waarin onderzoekers trachten te verkennen hoe

12

Inleiding

hoofdstuk 1

de toekomst er onder andere in economisch, demografisch en technologisch opzicht uit zou kunnen gaan zien en wat de gevolgen zijn van ontwikkelin- gen daarin op het verkeers- en vervoerssysteem, veiligheid, bereikbaarheid en milieu. Verder proberen onderzoekers met behulp van toekomstonderzoek in te schatten wat de effecten zouden kunnen zijn van beleid (reeds voorgeno- men of eventueel nieuw beleid). Hoofdstuk 13 geeft aan hoe potentiële be- leidsopties, zoals de aanleg van nieuwe infrastructuur, kunnen worden afge- wogen met behulp van kosten-batenanalyses (KBA’s) en multicriteria-analyses (MCA’s). Hoofdstuk 14 geeft een overzicht van verkeers- en vervoersmodellen, en gaat in op de vraag waarvoor je die wel, maar ook waarvoor je die niet kunt gebruiken. De hoofdstukken zijn in een logische volgorde opgenomen: in de hoofdstuk- ken van deel I wordt de werking van het verkeers- en vervoerssysteem uitge- legd, dan volgen in deel II de hoofdstukken over de effecten van dat systeem, en ten slotte in deel III de hoofdstukken over beleid en onderzoek. In beginsel hebben we verondersteld dat de lezer steeds de voorafgaande hoofdstukken heeft gelezen, maar omdat we ons ook realiseren dat dit niet altijd het geval zal zijn, hebben we ernaar gestreefd de hoofdstukken zo te schrijven dat ze ook min of meer zelfstandig leesbaar zijn. Om de daardoor onvermijdelijke beperkte overlap tussen de hoofdstukken toch zo veel mogelijk te beperken, maken we waar mogelijk gebruik van terug- en vooruitverwijzingen. Achter in dit boek treft u een begrippenlijst en een trefwoordenlijst. De om- schrijving van enkele begrippen is overgenomen van CROW (1996; 2001).

13

Made with