Freerk Teunissen & Aleid van de Vooren-Fokma - Tekststructuur

1 • Het aha-gevoel

kent, vind je het onbegrijpelijk dat iemand anders de vaas en de twee gezichten niet ziet. Jij ziet ze immers meteen. Maar als je die tekening nog niet kent, kan het best even duren voor je de afbeelding kunt duiden. Ommet Johan Cruijff te spreken: ‘Je gaat het pas zien als je het doorhebt.’ En heb je het eenmaal door, dan lijk je haast te vergeten hoe ingewikkeld je het ooit vond. Schrijfopdracht A • schrijf een tekst x Dit boek verbetert je schrijfvaardigheid. Om de verbetering zichtbaar te maken en om ervoor te zorgen dat je de stappen die je zet ook direct kunt toepassen, is het belangrijk om te schrijven. Daarom beginnen we met een opdracht om een tekst te schrijven. In elk hoofdstuk vind je allerlei opdrachten om, steeds op een andere manier, naar je tekst te kijken. Je schrijft nu eigenlijk versie 1. Schrijf een tekst van 350-450 woorden. Die hoeveelheid woorden past ongeveer op een A4’tje. Woordherkenning Het aha-gevoel komt zo veel voor in taal dat je het soms haast niet meer opmerkt. Dat komt doordat je brein in de loop der jaren allemaal processen heeft geautoma- tiseerd. Je hoeft niet meer bewust na te denken, je brein heeft het antwoord direct. Je kunt het vergelijken met op de fiets stappen. Bij de meeste mensen is dat proces geautomatiseerd. Je doet het zonder erbij na te denken. Dat gaat soepel en efficiënt. Tot je probeert om vanaf de andere kant op je fiets te stappen. De meeste mensen die dat proberen, vallen. Opstappen vanaf de andere kant is (bij de meeste mensen) niet geautomatiseerd. Gewoon te weinig geoefend (Dijksterhuis, 2012). Toen je leerde lezen, las je woorden letter voor letter. Je hield je vinger bij elke letter en als je alle letters had herkend, probeerde je te achterhalen welk woord er stond. Dat is vergelijkbaar met mensen die de afbeelding van opdracht 1 voor het eerst zien en kijken naar de witte en zwarte vlakken en proberen er iets bete- kenisvols in te herkennen. Nu lees je anders. Je herkent woorden in hun geheel. Je leest woorden niet meer letter voor letter, maar je herkent woordbeelden. Zodra je brein heeft vastgesteld welk woord wijnlsarshaijck wordt bedoeld, gaat het zich ook top-down met de interpretatie bemoeien. Gevolg: je herkent woorden direct (Reicher, 1969). 1.2  Patroonherkenning Doel: in deze paragraaf wordt duidelijk hoe het aha-gevoel werkt bij het herken- nen van woorden.

17

Made with