Freerk Teunissen & Aleid van de Vooren-Fokma - Tekststructuur

u i t g e v e r ij c o u t i n h o c Tekststructuur

Tekststructuur Effectiever en efficiënter schrijven

Freerk Teunissen

Aleid van de Vooren-Fokma

c

u i t g e v e r ij

c o u t i n h o

bussum 2014

Website

Bij dit boek hoort een website met extra materiaal. Ga hiervoor naar www.coutinho.nl/tekststructuur .

© 2014 Freerk Teunissen en Aleid van de Vooren-Fokma Alle rechten voorbehouden.

Behoudens de in of krachtens de Auteurswet van 1912 gestelde uitzonderingen mag niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautoma- tiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van reprografische verveelvoudigingen uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16 h Auteurswet 1912 dient men de daarvoor wet- telijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Reprorecht (Postbus 3051, 2130 KB Hoofddorp, www.reprorecht.nl). Voor het overnemen van (een) ge- deelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet 1912) kan men zich wenden tot Stichting pro (Stichting Pu- blicatie- en Reproductierechten Organisatie, Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp, www.stichting-pro.nl). Uitgeverij Coutinho Postbus 333

1400 AH Bussum info@coutinho.nl www.coutinho.nl Omslag: Buro Brouns, Amsterdam Illustraties binnenwerk: Buro Brouns, Amsterdam Noot van de uitgever

Wij hebben alle moeite gedaan om rechthebbenden van copyright te achterhalen. Personen of instanties die aanspraak maken op bepaalde rechten, wordt vriende- lijk verzocht contact op te nemen met de uitgever. ISBN 978 90 469 6225 1 NUR 623

Voorwoord

Toen ik begon met schrijven, wist ik niks van kernzinnen, structuur of alinea­ ondersteuning. Ik schreef. Tot ik les kreeg van Michaël Zeeman, Jacques d’Ancona en Ellis van Midden. En op zekere dag begon het mij te dagen. Ik begon te snap- pen hoe structuur in taal werkt. Voordat ik die kennis had, deed ik langer over het schrijven van artikelen. Een essay voor literair tijdschrift De Gids kostte me toen meer moeite dan het schrijven van een boek nu. Bij lessen en trainingen die ik gaf, noemde ik de lessen die ik had geleerd van mijn leermeesters weleens wat bombastisch ‘het geheim van het schrijven’. Ik noemde ze zo omdat ze voor veel mensen een nieuwe kijk op schrijven tonen en ze het schrijven van teksten enorm vergemakkelijken. Samen met Aleid van de Vooren-Fokma heb ik deze kennis verwerkt tot dit boek. We zijn schatplichtig aan inspirerende didactici als Carol Dweck, Ken Ro- binson, David Cooperrider, Mary Gordon en Sugata Mitra. Hun inzichten zijn te- rug te vinden in dit boek. Zij inspireren docenten en studenten wereldwijd, mis- schien wel vooral doordat ze uitgaan van de kracht van studenten en tonen dat leren begint als studenten kwaliteiten inzetten. We zijn dankbaar dat we met zo veel schrijvers, docenten, trainers en studenten hebben mogen werken die snap- pen dat leren betekent dat je samen zoekt naar mogelijkheden om je te verbeteren.

Freerk Teunissen, voorjaar 2014

Inhoud

Inleiding 9

Deel 1   •  Expliciete structuur x

1

Het aha-gevoel 15 Waarneming 15 Patroonherkenning 17 Het aha-gevoel in teksten 21 Eenheid in een alinea 24

1.1 1.2 1.3 1.4

2

De structuur van alinea’s 29

2.1 De kernzin 29 2.2

De plaats van de kernzin 33 De alineaondersteuning 38 De structuur van teksten 49 De basisuitspraak 49

2.3

3

3.1 3.2 3.3 3.4

Ritme en orde 55

Algemeniseren en specificeren in alle genres 57

De lezer wil orde 58

Deel 2  •  Impliciete structuur x

4

Grip op je materiaal 65

4.1 4.2 4.3

Grip op je materiaal en grip op je tekst 65 Ordeningsmethoden 67 Ordenen als er al een tekst is 75

5

De lezer voorop 83 De behoeftes van de lezer 83

5.1 5.2 5.3

De behoeftes van de lezer van zakelijke teksten 87

Wat is de hoofdboodschap? 93

6

Schrijfblokkades voorkomen 97 Schrijven doe je niet in één keer 97 Beloftes, deadlines en empathie 100 Slimmer worden in een week 101

6.1 6.2 6.3

6.4 6.5

Deeltaken 102

Patronen doorbreken als methode 105

Het schrijfproces in acht stappen 108 Literatuurlijst 111 Register 113 Over de auteurs 115

Inleiding

Bij een boek, een training of een les over de structuur van teksten verwacht bijna iedereen wel dat dat ook iets te maken heeft met leesbaarheid of helderheid. Nie- mand kijkt ervan op als iemand na een training naar ons toe komt om te vertellen dat hij tegenwoordig veel complimenten krijgt van collega’s ‘omdat hij zo helder schrijft’. Maar helderheid is maar één aspect van een tekst. Al eeuwenlang onderscheiden schrijvers en taalkundigen er vier: zijn teksten helder, zijn ze aantrekkelijk geschre- ven, zijn ze gepast (passen ze bij de lezer) en zijn ze correct? Als je je schrijfvaar- digheid wilt verbeteren, dan kan het zinvol zijn naar deze vier aspecten te kijken. Structuur maakt teksten niet alleen maar helderder. In dit boek laten we zien dat je veel meer kunt met structuur. Structuur in teksten zorgt er ook voor dat je teksten aantrekkelijk kunt maken en meer kunt laten aansluiten bij de wensen van de lezer. En er is ook nog een veel directer voordeel: je schrijft vlotter. Met meer gemak. Het enige waar structuur niet bij helpt, is je tekst schrijven in correct Nederlands.

correct

helder

structuur

gepast

aantrekkelijk

Structuur maakt teksten helderder, gepaster en aantrekkelijker

Dit boek is onderverdeeld in twee delen. In het eerste deel gaat het over kernzin- nen, alinea’s en basisuitspraken. Het gaat, met andere woorden, over de manier waarop je je materiaal ordent in je tekst. Boeiend, helder en passend bij de doel- groep. We noemen dit expliciete structuur. We noemen het zo omdat het gaat over de manier waarop je de lezer duidelijk maakt hoe je de informatie in je tekst hebt geordend. Maar als je weet hoe een gestructureerde tekst eruitziet, ben je er nog niet. Want hoe structureer je informatie? Stel dat je een tekst schrijft over een gebouw, waar begin je dan? Interviews, zelf kijken, literatuuronderzoek? Hoe reduceer je de po- tentieel oneindige hoeveelheid informatie? Hoe kom je van informatie tot een tekst? Het tweede deel van het boek gaat over de manier waarop een schrijver grip krijgt op zijn materiaal. Het gaat over ordening aanbrengen, informatie structu-

9

Tekststructuur

reren, selecteren. Dit onderdeel van het schrijfproces noemen we impliciete struc- tuur en is voor een lezer meestal niet zichtbaar. Het is het werk dat je doet om te bepalen wat je wilt schrijven, welke informatie je selecteert, wat de essentie is en wat niet. In het laatste hoofdstuk geven we een beknopt overzicht van het schrijfproces. We onderscheiden acht stappen, waaronder een idee of opdracht krijgen, redige- ren, ordenen en feedback vragen. Ze staan in het figuur hierna afgebeeld. In het laatste hoofdstuk gebruiken we dit figuur om duidelijk te maken wanneer je aan- dacht besteedt aan de impliciete structuur, wanneer aan de expliciete structuur en wanneer aan andere stappen.

De acht stappen van het schrijfproces

Als je het maximale uit dit boek wilt halen, wil je ook de verbinding leggen tussen je eigen teksten en de inhoud van dit boek. Dat kan door met de stof te oefenen. Daarom hebben we bij dit boek een website gemaakt. Daar vind je per stap in het

10

Inleiding

schrijfproces (we gebruiken het voorgaande figuur) praktische oefeningen die je direct kunt toepassen. Ga naar www.coutinho.nl/tekststructuur , klik op de stap waar jij je met je tekst bevindt en selecteer een oefening. In het boek zie je af en toe een website-icoon met daarin een nummer en daarvoor of daarachter een vraag. Het nummer correspondeert met een van de acht stappen van het schrijfproces. Klik je op het nummer op de website, dan vind je het antwoord op de vraag en praktische oefeningen. Het trainingsmateriaal dat bij dit boek hoort, is gestoeld op een combinatie van Appreciative Inquiry en gamification. Het gaat uit van een paar principes. Het eer- ste principe is dat van de omkering. Je leert vooral door de rollen af en toe om te draaien. Soms stel je je op als lezer, dan weer als schrijver. Soms als beoordelaar, dan weer als beoordeelde. In dit boek vind je dat terug. Om een voorbeeld te ge- ven: er zitten in dit boek tests die er niet voor bedoeld zijn om te checken of jij de theorie wel snapt, maar die jou de mogelijkheid geven om te checken of de theorie wel klopt. Het tweede principe heeft te maken met leren. Leren doe je niet uit een boek – le- ren schrijven dus ook niet. Leren betekent dat je een onuitputtelijke bron aanboort. Leren betekent samen vooruitkomen. Je leert dus met een boek, of met een trainer, met andere studenten of schrijvers. Leren betekent dat je je kwaliteiten inzet om zelf vooruit te komen en mogelijk anderen een duwtje in de rug te geven. Leren betekent ook dat een leraar – of in ons geval een schrijftrainer – de kwaliteiten van leerlingen aanboort. Dat biedt kansen en mogelijkheden en zorgt voor verrassin- gen. Dat heeft ook zijn weerslag op dit boek. Je zult in dit boek niet vaak lezen hoe het zou moeten. We laten hooguit zien wat de effecten zijn van bepaalde keuzes. Dit boek is bedoeld voor iedereen die meer wil weten over schrijven en die zijn ei- gen schrijfvaardigheid of die van anderen wil verbeteren. Als je dit boek zelfstan- dig gebruikt, dan is er trainingsmateriaal bij (je vindt er meer informatie over op de website bij dit boek). Werk je ermee in een groep, dan kun je met elkaar afspre- ken hoe je de schrijfoefeningen in elk hoofdstuk aanpakt. Spreek bijvoorbeeld van tevoren af of iedereen over hetzelfde onderwerp schrijft, of juist niet. Er is nog geen boek dat de structuur van taal belicht zoals wij dat doen en dat ervoor zorgt dat de schrijfvaardigheid direct vooruitgaat. Daarom hebben we veel mate- riaal zelf ontwikkeld, verklaringen gezocht, trainingsmateriaal en tests ontworpen die ervoor zorgen dat onze intuïtie en de intuïtie van schrijvers worden omgezet in aantoonbare processen. Uiteraard sluiten we aan bij bestaande theorieën, bij de praktijk van (tekst)schrijvers en bij voorbeelden van schrijftrainers en docenten. Dit boek beperkt zich tot zakelijke teksten. Denk aan een brief, een beleidstekst, een journalistiek artikel, een bezwaarschrift, een pleitnota, een wetenschappe- lijk artikel of een advies. Je kunt ook denken aan stageverslagen, werkstukken en scripties. Maar de inzichten in dit boek hebben een grotere reikwijdte. Uiteindelijk gaan ze over taal: over de architectuur van teksten.

11

Website

www.coutinho.nl/tekststructuur

Bij dit boek hoort een studentenwebsite met extra materiaal. Er is ook uitgebreid docentenmateriaal beschikbaar. Docenten krijgen toegang op aanvraag. Bezoek hiervoor bovenstaand adres. Voor studenten De website is erg handig als je een tekst aan het schrijven bent. Op de website staat het figuur van p. 10: een cirkel verdeeld in acht partjes, die corresponderen met acht stappen van het schrijfproces. In het boek zie je af en toe een website-icoon met een nummer, voorafgegaan of gevolgd door een vraag. Het nummer corres- pondeert met een van de acht stappen van het schrijfproces. Klik je op het num- mer op de website, dan vind je het antwoord op de vraag en praktische oefeningen. Je vindt op de website meer opdrachten dan in het boek. Voor docenten Voor docenten is er een uitgebreide docentenhandleiding beschikbaar met zes in de praktijk getoetste en uitgewerkte bijeenkomsten. Compleet met PowerPoint- presentaties en hand-outs. De werkvormen uit de docentenhandleiding zijn ook los te gebruiken.

12

2 • De structuur van alinea’s

DEEL 1

Expliciete structuur

DEEL 1 Expliciete structuur

basis- uitspraak

kernzinnen

alineaondersteuning

Je materiaal ordenen om er vat op te krijgen en structuur aanbrengen in je tekst, zijn twee verschillende dingen. In het eerste deel van dit boek gaat het over struc- tuur in teksten: de expliciete structuur. Hoe maak je de lezer duidelijk hoe je informatie hebt geordend in je tekst? Wat verwacht de lezer eigenlijk? Hoe onderscheid je hoofdzaken van bijzaken en en hoe geef je dat weer in een tekst? Dit eerste deel gaat over de basisuitspraak, kernzin- nen en alineaondersteuning: over de structuur in teksten en het effect daarvan op de lezer. Als je weet hoe structuur in taal werkt, kun je effectiever en efficiënter schrijven: boeiend, helder en passend bij de lezer.

14

Het aha-gevoel

Wat is precies het effect van structuur op de lezer? Zorgt structuur: • ervoor dat zijn leestempo omhooggaat? • ervoor dat hij de bedoeling van de schrijver beter begrijpt? • ervoor dat hij beter onthoudt waar de tekst over gaat? • voor alle drie?

Na het bestuderen van dit hoofdstuk weet je wat het aha-gevoel is, hoe woordher- kenning en patroonherkenning werken in taal, en wat het effect is op je lezer als je je in een alinea beperkt tot één onderwerp.

1.1  Waarneming

Doel: in deze paragraaf wordt duidelijk wat het aha-gevoel is. We beginnen met een opdracht (zie kader).

Opdracht 1 • de afbeelding x

Wat zie je op de afbeelding?

15

deel 1 • Expliciete structuur

Als je nog niet weet wat er op de afbeelding staat, is het lastig om dat wat je kunt zien ook daadwerkelijk te zien. Maar ontdek je wat de afbeelding voorstelt, dan is de kans groot dat je ‘aha’ zegt. Op de afbeelding kun je een vaas zien, maar ook twee gezichten. Als je beide mogelijkheden eenmaal hebt gezien, dan blijf je die ook zien. Maar je kunt de vaas of de twee gezichten niet tegelijk zien. Als je van het ene naar het andere beeld wilt switchen, moet je even met je ogen knipperen. Interpretatieprocessen Hoe kan dit? Kort gezegd plak je onbewust een etiket ‘vaas’ op de afbeelding als je de vaas eenmaal hebt gezien. Dit etiket stuurt je waarneming. Het maakt het voor de hersenen makkelijker om de informatie die via het oog binnenkomt, te sturen en te filteren. Visuele waarneming is niet alleen afhankelijk van het oog, maar ook van complexe processen in de hersenen. Daar worden de beelden gevormd. De hersenen doen actief mee aan de waarneming en sturen de ogen om beelden helderder te krijgen. Waarneming werkt dus twee kanten op. Als je ogen de zwarte en witte vlakken zien, kunnen je hersenen uit die informatie destilleren dat het om een afbeelding van een vaas gaat (bottom-up). Hebben je hersenen dit eenmaal vastgesteld, dan onderdrukken zij impulsen die met dit beeld in tegenspraak zijn. Je hersenen zoe- ken automatisch naar bevestiging en maken het lastiger om iets anders te zien (top-down). Dat dit zo is, merk je bij de afbeelding: het kost even moeite om te wisselen van vaas naar gezichten en omgekeerd. Waarneming is dus afhankelijk van zowel de ogen als de hersenen (Long & Toppino, 2004). Het nut van het aha-gevoel Het aha-gevoel kun je oproepen met wat zwart en wit en een etiketje ‘een vaas en twee gezichten’ eronder, maar je kunt het ook opwekken met letters, zinnen, alinea’s en teksten. Sterker nog: onbewust doet iedereen dat voortdurend. Het aha-gevoel is alomtegenwoordig in taal. Als je weet hoe het aha-gevoel werkt in taal, dan kan dat je veel opleveren. Je kunt daardoor ten eerste vlotter schrijven. Ten tweede zal je boodschap helderder overkomen. Ten derde kun je dan veel sneller lezen en ook beter onthouden wat je hebt gelezen. En ten vierde draagt het eraan bij dat je efficiënter leert. Voor het zover is, zijn er een paar stappen nodig. De eerste stap is dat je ontdekt hoe het aha-gevoel bij woorden werkt. Dat staat in dit hoofdstuk. We beginnen bij woorden, omdat het het makkelijkst is om het aha-gevoel daarmee uit te leggen. De tweede stap is dat je weet hoe het aha-gevoel werkt bij zinnen, alinea’s en tek- sten. Tijdens het lezen van dit hoofdstuk maak je voortdurend kleine opdrachten. Som- mige vind je waarschijnlijk voor de hand liggend, andere vind je misschien best pittig. Dat heeft een oorzaak. Als je de tekening van de vaas en de twee gezichten al

16

1 • Het aha-gevoel

kent, vind je het onbegrijpelijk dat iemand anders de vaas en de twee gezichten niet ziet. Jij ziet ze immers meteen. Maar als je die tekening nog niet kent, kan het best even duren voor je de afbeelding kunt duiden. Ommet Johan Cruijff te spreken: ‘Je gaat het pas zien als je het doorhebt.’ En heb je het eenmaal door, dan lijk je haast te vergeten hoe ingewikkeld je het ooit vond. Schrijfopdracht A • schrijf een tekst x Dit boek verbetert je schrijfvaardigheid. Om de verbetering zichtbaar te maken en om ervoor te zorgen dat je de stappen die je zet ook direct kunt toepassen, is het belangrijk om te schrijven. Daarom beginnen we met een opdracht om een tekst te schrijven. In elk hoofdstuk vind je allerlei opdrachten om, steeds op een andere manier, naar je tekst te kijken. Je schrijft nu eigenlijk versie 1. Schrijf een tekst van 350-450 woorden. Die hoeveelheid woorden past ongeveer op een A4’tje. Woordherkenning Het aha-gevoel komt zo veel voor in taal dat je het soms haast niet meer opmerkt. Dat komt doordat je brein in de loop der jaren allemaal processen heeft geautoma- tiseerd. Je hoeft niet meer bewust na te denken, je brein heeft het antwoord direct. Je kunt het vergelijken met op de fiets stappen. Bij de meeste mensen is dat proces geautomatiseerd. Je doet het zonder erbij na te denken. Dat gaat soepel en efficiënt. Tot je probeert om vanaf de andere kant op je fiets te stappen. De meeste mensen die dat proberen, vallen. Opstappen vanaf de andere kant is (bij de meeste mensen) niet geautomatiseerd. Gewoon te weinig geoefend (Dijksterhuis, 2012). Toen je leerde lezen, las je woorden letter voor letter. Je hield je vinger bij elke letter en als je alle letters had herkend, probeerde je te achterhalen welk woord er stond. Dat is vergelijkbaar met mensen die de afbeelding van opdracht 1 voor het eerst zien en kijken naar de witte en zwarte vlakken en proberen er iets bete- kenisvols in te herkennen. Nu lees je anders. Je herkent woorden in hun geheel. Je leest woorden niet meer letter voor letter, maar je herkent woordbeelden. Zodra je brein heeft vastgesteld welk woord wijnlsarshaijck wordt bedoeld, gaat het zich ook top-down met de interpretatie bemoeien. Gevolg: je herkent woorden direct (Reicher, 1969). 1.2  Patroonherkenning Doel: in deze paragraaf wordt duidelijk hoe het aha-gevoel werkt bij het herken- nen van woorden.

17

Made with