Jeroen Onstenk - Pedagogiek in de onderwijspraktijk

JeroenOnstenk

Pedagogiek Indeonderwijspraktijk Eengeïntegreerdebenadering

Pedagogiek indeonderwijspraktijk

Eengeïntegreerdebenadering

JeroenOnstenk

c u i t g e v e r ij

c ou t i n ho

bussum2011

©2011Uitgeverij Coutinhobv Alle rechtenvoorbehouden.

Behoudens de inof krachtens deAuteurswet van1912 gesteldeuitzonderingenmagniets uit deze uitgaveworden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbe- stand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enigewijze, hetzij elektronisch, mecha- nisch, door fotokopieën, opnamen, ofopenigeanderemanier, zondervoorafgaande schrif- telijke toestemmingvandeuitgever. Voor zover het maken van reprografische verveelvoudigingen uit deze uitgave is toege- staanopgrondvanartikel16hAuteurswet1912,dientmendedaarvoorwettelijkverschul- digde vergoedingen te voldoen aan Stichting Reprorecht (Postbus 3051, 2130KB Hoofd- dorp, www.reprorecht.nl). Voor het overnemen van (een) gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readersenanderecompilatiewerken (artikel 16Auteurswet1912)kanmen zichwenden tot Stichting PRO (Stichting Publicatie- en ReproductierechtenOrganisatie, Postbus 3060, 2130KB Hoofddorp, www.stichting-pro.nl).

Uitgeverij Coutinho Postbus 333 1400AH Bussum info@coutinho.nl www.coutinho.nl

Zetwerk: StudioPietjePrecies | bno, Hilversum Omslag: Bart vandenTooren, Amsterdam Illustraties:HollandseHoogte;©Sabine Joostenpp. 13, 25, 55, 177, 203;WerryCronep. 85; AmauryMiller p. 117; ArieKievitp. 141, 163 Noot vandeuitgever Wij hebben allemoeite gedaanom rechthebbenden van copyright te achterhalen. Perso- nen of instanties die aanspraak maken op bepaalde rechten, wordt vriendelijk verzocht contact op tenemenmetdeuitgever.

ISBN 9789046902516 NUR 840

Voorwoord

Dit boek is bedoeld voor studenten aan de lerarenopleiding basisonderwijs (pabo) en richt zich daarnaast op leraren in het basisonderwijs of het vmbo. Pedagogiek inde onderwijspraktijk is geschrevenvanuit het besef dat er als ge- volg vanmaatschappelijke ontwikkelingen en veranderende leerlingen hoge eisenworden gesteld aanhet pedagogischhandelen vande leraar endat elke leraardaar goedopvoorbereidmoet zijn. De (aankomend) leraar kan indit boekondersteuning vindenbij het ont- wikkelen van een eigen visie en aanpak van zijn pedagogische, vormende en opvoedende taak. Het levert de (aankomend) leraar handvatten hoe hij (of zij)* in het huidige tijdperk en in de context van de maatschappelijke ont- wikkelingendepedagogischeopdracht vande school verantwoordeneffectief kan invullen. In Pedagogiek in de onderwijspraktijk wordt uitgegaan van een brede visie oppedagogische bekwaamheid. Het pedagogischhandelen als onderdeel van de bekwaamheid van leraren wordt systematisch en geïntegreerd benaderd. Pedagogischhandelen inhetonderwijs isgerichtopontwikkeling, opvoeding, burgerschap en zorg. Er wordendrie dimensies van pedagogiek in de onder- wijspraktijk uitgewerkt: de pedagogische opdracht, het pedagogisch klimaat enhet pedagogisch-didactischhandelen.Het gaat omhet vormgeven aanhet verwerven van sociale competenties en burgerschapsvorming, aan een veilig en stimulerend schoolklimaat en aan kennisverwerving en brede talentont- wikkelingvan leerlingen. Opbouwvanhetboek In het eerste hoofdstuk wordt de visie op geïntegreerd pedagogisch hande- len inde klas ontwikkeld.Daarbijwordendedriedimensies vanpedagogisch handelenuitgewerkt. Devierdaaropvolgendehoofdstukkenhebbenbetrekkingophet pedagogisch handelen indeklas.

*Hoewel demeeste leraren, zeker inhetprimaironderwijs, vrouwzijn, gebruikenwe inditboek de mannelijke persoonlijke voornaamwoorden, daarmee de taalconventie volgend. Uiteraard wordt ookde vrouwelijke leraar bedoeld.

In hoofdstuk twee wordt ingegaan op de pedagogische opdracht. Dan gaat het omhet ontwikkelenvannormen enwaarden, burgerschapsvorming ende ontwikkelingvan sociale competenties als leerdoel vanhet onderwijs. Hoofdstuk drie gaat over het pedagogisch klimaat en het creëren van een veilige leeromgeving.Hoekande leraareenomgevingcreërenwaarinvoldaan wordt aan de behoefte aan relaties, sociale erkenning, autonomie en compe- tentie? In hoofdstuk vier komt de pedagogisch-didactische dimensie van het on- derwijzen aan de orde. Er worden recente inzichten gepresenteerd over hoe kinderen eigenlijk leren en zich ontwikkelen, uitgewerkt in verschillende pe- dagogisch-didactische concepten. Daarbij wordt ingezoomd opde leeromge- ving in de klas. Ook wordt ingegaan op de pedagogische waarde van brede talentontwikkeling aan de hand van de kerndoelen basisonderwijs enmeer- voudige intelligentie. Inhoofdstuk vijf gaat het vervolgens specifiekomdemanierwaarop je als leraar beter kunt omgaanmet zorgleerlingen en verschillen inde klas (adap- tief onderwijs).Daarbij komenookdezorg inde school enpassendonderwijs aandeorde. Pedagogischhandelendoet de leraar niet alleen. De volgende twee hoofdstuk- kengaan inopdenoodzakelijke samenwerking: inhoofdstukzesgaanwe inop pedagogischpartnerschap tussen leraarenoudersenhoofdstukzevengaatover samenwerkingmet andere educatieve professionals in en rond de school. Dan gaathetvooralomdeverrijkingvanhetpedagogischaanbod indebredeschool. Inhoofdstukachtennegenplaatsenwedegeïntegreerdepedagogischeaanpak in eenbredermaatschappelijkkader. Inhoofdstuk acht gaat het om een verkenning vande veranderingen inde maatschappelijke context waarin de (aankomend) leraar gaat werken. Daar maakt hij natuurlijk ook als jongere, student en burger al deel van uit. Deze veranderingen bepalen in sterkemate de leerdoelenwaar het onderwijs aan geachtwordt tewerken.De toegenomeneisenaanhetmaatschappelijk functi- onerenwaar het onderwijs op voorbereidt (maar ook zelf deel vanuitmaakt), leiden tot eenverbredingenverdiepingvandepedagogischeopdracht, enma- kenhet tegelijk inveel opzichten lastig eraan tewerken. Hierbij wordt ook ingegaan op de structuur van en de belangrijkste ont- wikkelingen inhetNederlands onderwijssysteem. Inhoofdstuknegenwordt de focus gericht opde inbeddingvan eenbrede, geïntegreerde pedagogische aanpakbinnende set gewenste competenties van leraren.Daarbij gaathet zowel omdevakinhoudelijkealsomdepedagogische kwaliteit. Die zijn van belang omhet onderwijs ende leraar optimaal te ‘wa- penen’ tegendemaatschappelijke eisen en veranderingenwaar het onderwijs mee temakenkrijgt.

Dank Pedagogiek inde onderwijspraktijk is het resultaat van zes jaar lezen, discussie enonderzoek inhet lectoraatGeïntegreerdPedagogischHandelen aanHoge- school Inholland, waar ik als meewerkend voorman leiding aanmag geven. Het geïntegreerdpedagogischhandelenvande (aankomend) leraar enandere pedagogischeprofessionals staat daarbij centraal (Onstenk, 2005). Praktijkgericht onderzoekdat inhet kader vanhet lectoraat inde kennis- kring is verricht, is een belangrijke bron van dit boek. Een aantal hoofdstuk- ken (hoofdstuk3, 5 en6) is grotendeels gebaseerdoponderzoekvande leden vandekenniskring.Dat is bij debetreffendehoofdstukken specifiek aangege- ven. Van de resultaten van andere onderzoeken is op tal van plaatsen in het boekdankbaar gebruikgemaakt. Ikwil de Inholland-collega’sdie indeafgelopen jarenkorterof langer inde kenniskring hebben geparticipeerd of die ik als copromotormag begeleiden, dankzeggen voor hunonderzoeksactiviteiten en inzichten ende inspirerende discussies die we hebben gevoerd. In willekeurige volgorde: Patrick Tanck, Friedje Swart, Ruud Soudijn, CarolineOfferhaus, Jacqueline vanDuin,Wen- dy Lodder, Rob Bartels, HannieThijssen, John vanVliet, Piet Feld, Marieke Visser, Jan SanneMulder, Riet de Jong, Etje Heijdanus, Marij Passier, Birgit vanDuinen, RobDekker enRijk vanderKrol. Hopelijk zien ze veel vanhun bijdragen enovertuigingen indit boek terug. Al zijn zij uiteraardniet verant- woordelijkvoorde zwakheden inhet betoog. Ditboek isookhet resultaatvanveel gesprekkenendiscussiesoverburger- schapsvorming, sociale competentieontwikkeling enpassendonderwijsdie ik de afgelopen jarenmet collega’s van binnen en buiten Inhollandmocht voe- ren. Ikbenhunveeldankverschuldigd. Ikwil eenaantal vanhenhierexpliciet noemen.Mijncollega-lectorenbijHogeschool Inholland: JokeHermes,Guido Walraven,DolfvanVeen, Ina terAvest,DoriandeHaan,RuudGorterenGuus Wijngaards.VerderWielVeugelers,RuudKlarus,YvonneLeeman,WimWar- dekker, Geert tenDam,MoniqueVolman,Wouter Pols, SiebrenMiedema en SaskiavanOenen. Daarnaast veel dank aanhendie opbasis van conceptversies vandit boek zeer bruikbare feedback hebben gegeven: Fedor de Beer (Han), CharlesVan- dalen (PaboLimburg) enNatasjaChoinowski (SaxionDeventer). Ik dankMichel van de Graaf vanUitgeverij Coutinho voor zijn inspirerend commentaarop tal vanconceptversies enzijnonverwoestbarevertrouwendat dit boek eruiteindelijk toch zoukomen.

JeroenOnstenk, mei 2011

Inhoud

13

1

Geïntegreerdpedagogischhandelen inhetonderwijs

1.1 De leraar als opvoeder 1.2 Pedagogischhandelen 1.3 Drieperspectieven

15 17 19 20 21

1.4 Ontwikkelingvandepedagogischebekwaamheidvan leraren 1.5 Het kind ende school inperspectief leren zien

25

2

Depedagogischeopdracht: normen,waardenenburgerschap

2.1 Smalleof bredeopdracht?

27 28 29 31 32 36 38 41 43 44 50 54 56 59 60 62 65 66 67 69 69 70 55

2.2 Morele en socialeontwikkelingvankinderen 2.2.1 MoreleontwikkelingvolgensPiaget

2.2.2 Nieuwe inzichten 2.3 Waardegericht onderwijs

2.4 Pedagogischeopdracht inhet openbaar enbijzonder onderwijs

2.5 Burgerschapsvorming

2.5.1 Democratischburgerschap 2.6 Burgerschapsvorming inhet onderwijs

2.6.1 Burgerschap als leerdoel 2.6.2 Leerlingbetrokkenheid

2.7 Conclusie

3

Hetpedagogischklimaat indeklas

3.1 Inspelenopdebasisbehoeftenvande leerling

3.2 Interactie en communicatie

3.2.1 Bewust vormgeven aan interactie indeklas

3.2.2 Taal

3.2.3 De zelfreflectiebij de leerlingbeïnvloeden

3.2.4 Gedragssturing

3.2.5 Gemeenschapsvorming

3.3 Les- enklassenorganisatie

3.3.1 Eengoede voorbereiding ishet halvewerk

3.3.2 Leswisseling

3.3.3 Participatie veronderstellenof stimuleren

72 74 75 77 79 80 83

3.3.4 Samenstellingvangroepen

3.3.5 Coöperatief leren: gestructureerd samenwerken

3.3.6 Analyseren

3.3.7 De leidinghouden 3.3.8 Orde indeklas

3.4 Conclusie

85

4

Pedagogischperspectief op inhoudendidactiek

4.1 Leren enontwikkelen

86 90 91 95 96

4.1.1 Het brein en leren 4.1.2 Wat blijkt effectief?

4.2 Leerdoelen: depedagogischedimensie

4.2.1 Brede talentontwikkeling: kerndoelenvanhet basisonderwijs

4.3 Meervoudige intelligentie

103 107 108 112 114

4.4 Onderwijsvernieuwing: depedagogischedimensie centraal 4.4.1 Depedagogische inspiratie vande ‘traditionele vernieuwers’

4.4.2 Het nieuwe leren

4.5 Conclusies

117

5

Pedagogischhandelen inadaptief onderwijs

5.1 Omgaanmet gedragsproblemen 5.1.1 Depersoonlijkekennisbasis 5.2 Dagelijks pedagogischhandelen

118 120 122 122 124 127 128 130 133 135 135 136 139

5.2.1 Uitsluiting

5.2.2 Pesten

5.2.3 Weerbaarheid 5.2.4 Gedragsproblemen

5.3 Adaptievedidactiek 5.4 Klassenorganisatie 5.5 De zorg ende school

5.5.1 Zorgaanbod inhet basisonderwijs 5.5.2 Kinderenmet eenbeperking

5.6 Conclusie

141

6

Pedagogischpartnerschap: ouders inbeeld

6.1 Leraar enouders: pedagogischepartners

142 145 148 151 153 161

6.2 Ouderbetrokkenheid

6.3 Ouderbetrokkenheidvergroten

6.4 Kritiekop enondersteuningvanhet opvoedenvandeouders 6.5 Vormgevingouderbetrokkenheid: praktische voorbeelden 6.6 Conclusie: versterk communicatie enpartnerschapmet ouders

163

7

Pedagogischhandelen indebrede school

7.1 Debrede school

164 165 167 169 171 174 176

7.1.1 Wat is eenbrede school?

7.1.2 Verschijningsvormenvandebrede school

7.2 Pedagogischedialoog

7.2.1 Depedagogischeopdracht vandebrede school

7.2.2 Samenwerken indebrede school

7.3 Conclusie

177

8

Demaatschappelijkecontext vanpedagogischhandelen

8.1 Opvoeden in eenveranderendemaatschappij

180 185 185 188 193 196 198 199 199 201

8.2 Veranderende jeugd

8.2.1 Toenemendeheterogeniteit

8.2.2 Toenamepersoonlijke en socialeproblematiek

8.2.3 De internetgeneratie

8.3 Pedagogiek enhet onderwijssysteem

8.3.1 Leerplicht

8.3.2 Selectie inhet onderwijs

8.3.3 Vmbo

8.4 Conclusie: pedagogischhandelen in eenuitdagendeomgeving

203

9

Decompetenties vande leraaralspedagogischeprofessional

9.1 DewetBIO: competenties enkwaliteiten

204 207 208 208 209

9.2 Depedagogischedimensie vande competenties vande leraar

9.2.1 Didactische competentie 9.2.2 Pedagogische competentie 9.2.3 Samenwerkingscompetentie

9.3 De lerende enonderzoekende leraar 210 9.4 Tot slot: vergrotenvandepedagogischeprofessionaliteit van leraren 212

213

Literatuur

227

Register

1.2  Pedagogischhandelen

1

Geïntegreerdpedagogischhandelen in hetonderwijs

Wereldwijzer is een relatief kleine school, gekenmerkt door veel diversiteit in de leerlingenpopulatie (135 leerlingenmet35nationaliteiten). Eenaanzienlijkdeel van de ouders heeft temakenmet sociaaleconomische problemen, zoals armoede en juridischemoeilijkheden.Opmerkelijk isdatdit zichnietuit ineenproblematische omgang tussen de kinderen op school. Dankzij de extra financiering vanwege het hoge aantal kansarme en allochtone kinderen zijn de groepen op deWereldwij- zer relatief klein (18-25 kinderen). De school is onderdeel vanTalent, een stichting voor openbaar primair onderwijs in een kleine stad. Talent formuleert haar mis- sie vanuit eendrietal kernwoorden: talentontwikkeling , ondernemendgedrag en schoolprofilering . Talentontwikkelingheeft bij de stichting eenbetekenis: ‘Webe- doelen de talenten van begaafde enminder begaafde leerlingen. Evenals talenten op verschillende terreinen: op het terrein van taal, rekenen/wiskunde, muziek en

13

1  Geïntegreerdpedagogischhandelen inhet onderwijs

Leraren en opvoeders staan voor een enorme uitdaging: zijmoeten kinderen lerenhoe zij verantwoordkeuzesmaken in eenwerelddie steedsmeer keuze- mogelijkhedenbiedt enhoe zij kunnen functioneren in een gedifferentieerde en veranderende gemeenschap. Endat in klassen vol leerlingenmet verschil- lende talenten, karakters en problemen. Het gaat, zoals de Spaanse filosoof Fernando Savater zegt, om nietsminder dan opvoeden tot vrijheid. Hij zegt hierover: ‘Vrij zijn is zich bevrijden: van onze onwetendheid, van onze gedetermi- neerdheid – geboetseerd door onze genen en onze sociale omgeving –, vande instinctieve lusten endriftendiewij leren te beheersen inde prak- tijk van het samen leven (…). Vrijheid is de verovering van de autonomie doormiddel vanonderwijs en opvoeding die onswennen aanhetmaken vankeuzes enhet zoekennaar vernieuwingendiealleenmogelijk zijn inde gemeenschap’ (Savater, 2001). Om deze uitdaging aan te gaan, heeft de leraar niet alleen een didactische, maarook eengrotepedagogischebekwaamheidnodig.Het pedagogischhan- delen als onderdeel van de bekwaamheid van lerarenwordt in dit boek sys- tematisch en geïntegreerd benaderd, waarbij wordt uitgegaan van een brede insteek: pedagogisch handelen in het onderwijs is gericht op ontwikkeling, opvoeding, burgerschapenzorg (Onstenk, 2005).Uitgangspunt isdathet cog- nitieve leren vankinderenwordt verbondenmet hunpersoonlijke, sociale en moreleontwikkeling. De leraar levert als opleider enopvoeder eenbelangrijke bijdrage aande psy- chische en sociale groei van leerlingennaar een evenwichtigepersoonlijkheid en competent lid vandemaatschappij. Die bijdrage bestaat uit het toeganke- lijkmaken voor leerlingen van kennis en andere essentiële sociaal-culturele ‘gereedschappen’ (Vygotsky, 1978) endaarmee uit het ontwikkelen van talen- beeldendwerken, sport, sociale talenten en talentenophet gebied van economie en techniek. Het is het strevendat de leerlingen, jongens enmeisjes afkomstig van verschillende culturen enmet verschillende levensbeschouwelijke achtergronden, na acht jaar basisonderwijs kunnen laten zien dat ze hun talenten en kwaliteiten hebben kunnen ontwikkelen.’ Talent verbindt haarmissie duidelijk aan ontwikke- lingen inde samenleving: ‘We zijn vanmening dat het werken in een sociale con- text vangroot belang is voor deontwikkelingvanallerlei socialevaardigheden: de- mocratisch denken en handelen, rekening houdenmet verschillen, oplossen van meningsverschillen. Het versterkt de groepsband: kinderen voelen zich verbonden met elkaar omdat ze samen ietswillenbereiken.’ (Bron: Feld, 2009)

14

1.1  De leraar als opvoeder

ten, waarden endeugden (Dekker, 2006). De leraar heeft potentieel grote in- vloedopdebrede vorming enontwikkelingvande leerlingen in zijnklas.Als pedagogisch didacticus creëert hij krachtige, betekenisvolle leeromgevingen voor zijn leerlingen.Niet alleen ishij daarbij rolmodel enexpert inde leerstof, maar hij is ook coach en stimulator van dat ontwikkelingsproces. Hij moet zorgenvoor eenveilig enoptimaal leerklimaat voor iedereen indeklas. De pedagogische benadering is een essentieel deel vande professionaliteit en identiteit van de leraar. Leraarschap is bij uitstek een beroep waarin de per- soon van de leraar belangrijk is voor de kwaliteit van de beroepsuitoefening (Palmer, 1997). Juist bij het pedagogischhandelenhangt veel af van de eigen waarden,normenenovertuigingenvande leraar.Hetonderwoordenbrengen van hun rol bij de persoonsvorming van leerlingen kost veel lerarenmoeite, ook als zij impliciet intensief bezig zijnmet het bevorderen vandie persoon- lijke ontwikkeling. De leraar doet dat bijvoorbeeld door zijn voorbeeldfunc- tie: hij draagt in zijn handelen uit wat hij belangrijk vindt en beïnvloedt op die manier impliciet of expliciet de identiteitsontwikkeling van zijn leerlin- gen (waardestimulering).Daarbij speelt devisieopdiepedagogische taak een belangrijke rol. Dat betekent in dit licht vooral: bewustwording van de eigen waarden. Als de leraar zijn pedagogische visie en idealen kan expliciteren en verrijken, kanhij er gerichter en effectievernaarhandelen (Korthagen, 2002). Je handelt naar de waarden die je als leraar belangrijk vindt. Keuzes en aan- pakhangen veelal samenmet de eigenpersoonlijkheid. Omgekeerdheefthet pedagogisch handelen daarmee ook invloed op de identiteit en ontwikkeling vande leraar zelf. Derol vande leraar isaanveranderingonderhevigdoordatdiverse factorende beeldvorming op ende praktijk vanhet pedagogische handelenbeïnvloeden. Zoverandertdoor tal vanmaatschappelijkeontwikkelingenenveranderingen de relatievande leraarmet zijn leerlingen, zowel individueel als ingroepsver- band. Demaatschappij stelt steeds hogere eisen en de ouders hebben steeds hogere verwachtingenvanhet onderwijs. Leraren spelen een belangrijke rol bij de vorming en opvoeding van kin- deren en jongeren (Onderwijsraad, 2011). Veel leraren vinden dat lastig. Zij zien zich vaak geplaatst voor een keuze tussen onderwijs en opvoeding. Het lijkt soms alsof het gaat om tegengestelde belangen: sommigen vinden dat er op school vooral kennis aangeleerdmoet worden, anderen hebben juist oog voor doelen als de persoonlijke identiteitsontwikkeling, de vermindering van sociale ongelijkheid of de maatschappelijke behoefte aan waarden, normen en sociale competenties. In de media worden vaak uitgesproken meningen

1.1 De leraaralsopvoeder

15

1  Geïntegreerdpedagogischhandelen inhet onderwijs

geventileerdover dit soort vraagstukken, zoals ‘Zwarte scholen leveren slecht onderwijs’, ‘De schoolmoet zichnietmet de opvoedingdoor ouders bemoei- en’ of ‘Kinderopvang op school is slecht voor de ontwikkeling van jonge kin- deren’. De scheiding tussen onderwijs en opvoeding komt naar voren in de da- gelijkse praktijk, maar ook bij de ontwikkeling van pedagogisch-didactische werkvormenen instrumenten.Zeweerspiegeltzich indeorganisatievanscho- len. Leraren op basisscholen hebben vaak het gevoel dat zemet lege handen staan wanneer ze de maatschappelijke vragen over normen, waarden en de ‘pedagogische’ opdracht willen omzetten in de praktijk. Steedsmeer scholen leggenweliswaar in hunmissie enwerving de nadruk op andere vormen en doelenvanhet lerenop school. Zolang echter inde toetsingvan leerlingende nadruk bijna uitsluitend gelegdwordt op cognitieve kennis en vaardigheden, endekwaliteit van scholenwordtbeoordeeldopexamenuitslagenen slagings- percentages, zullen veel leraren het gevoel houden dat zij uiteindelijk vooral worden afgerekendophet cognitieve lerenvanhun leerlingen. In feite is de keuze tussen onderwijs of kennisoverdracht en opvoeding ech- ter een schijntegenstelling.Kennisoverdracht heeftop zichal eenopvoedende werking: het ontwikkelen van talenten en inzichten van kinderen en hun zo toegang geven tot dewereld.De leraar is altijdookopvoeder, hoe er ookover gedachtwordt, ofhijwilofniet, ofhij zichervanbewust isofniet enofhij zich er wel of niet expliciet op richt in zijn handelen in de klas. Iedereen diemet kinderenwerkt, is altijd ook bezigmet het overdragen van ervaringen, nor- menenwaarden.Alshet goed is, isdat ineenhelpende rol,maarde leraarkan hierinongewildookbelemmeren. Zo weten we uit onderzoek dat tot voor kort leraren meisjes vaak minder dan jongens stimuleerden tot het leren of nadenken over hun toekomst (Verloop & Lowyck, 2003). Het lijkt eropdat dit ondertussen verminderd is, althans indewes- terse landen. Sommigen zijn zelfsbangdatde rollen intussen zijnomgedraaid, om- dat het pedagogisch klimaat in de klas met zijn nadruk op talige communicatie meisjes meer zou bevoordelen dan jongens (Driessen & Van Langen, 2010). Ook allochtone leerlingenkrijgen soms temakenmet al of nietbewustonbegripvande leraar enwordenniet altijdoptimaal gestimuleerd. Enomgekeerd latenallochtone leerlingen somsmeningenengedragziendiede leraardiep raken inzijneigenover- tuigingenenwaarden.

De leraar speelt voortdurend een rol bij het betekenis geven van de wereld waarindekinderen leven.Hoehet ook zij, de leraar kan zichmaarhet best zo bewustmogelijk zijnvan zijnpedagogische rol endebedoelde enonbedoelde

16

1.2  Pedagogischhandelen

effectendaarvan. De leraarmoet zorgen voor optimale voorwaarden voor le- renenontwikkeling inde school (pedagogischklimaat enpedagogisch-didac- tische aanpak) en voor het bereiken van vormings- en opvoedingsdoelen (de pedagogische opdracht van de school). Opvoeding vraagt om ondersteunen, stimuleren en het voorleven (voorbeeldfunctie) van autonoom, verantwoor- delijk en sociaal gedrag aan kinderen en jongeren. De leraar moet zowel de ontwikkelingvanwaarden ennormenalsdekennisverwervingvan leerlingen stimuleren. De pedagogische benadering van de leraar lijkt soms tot doel te hebben omhet ‘eigenlijke’ lerenmogelijk temaken.Het eigenlijke leren zietmendan vooral als functioneel cognitief leren ofwel: leren gericht op concreet bruik- bare kennis. Voor het basisonderwijs legt men dan vaak ook nog de nadruk op taal en rekenen. Andere doelen van leren, zoals sociale enmorele ontwik- keling, persoonlijkheidsvormingof kritischemeningsvorming, zijnweliswaar in de kerndoelen van het basisonderwijs opgenomen, maar dreigen naar de achtergrond teverdwijnen. Tochwordt vanhet onderwijs expliciet, en zelfs in wettenvastgelegd, ookverwacht dat het eenbijdrage levert aanburgerschaps- vorming (SLO, 2006; Bronneman-Helmers &Zeijl, 2008). Deze brede opvat- ting vande doelen vanhet onderwijs staat indit boek centraal. Erwordt van lerarenverwacht dat zedeze veelomvattendeopvoedingstaakuitvoeren. In de beroepsstandaarden voor de leraar primair onderwijs (SBL, 2009) vin- denwede volgendeomschrijvingvandepedagogischebekwaamheid. ‘De leraar biedt de leerlingen in een veilige werkomgeving houvast en structuur om zich sociaal-emotioneel enmoreel te kunnen ontwikkelen. Hij neemt de pedagogische verantwoordelijkheid voor leerlingen en de consequenties daarvan voor zijnhandelen vanuit een goedbesef van ver- schillende culturele, sociale en maatschappelijke contexten. Hij beschikt daartoe over een effectief enwendbaar pedagogischhandelingsrepertoire enheeft een visie oponderwijs die bijdraagt aande onderwijsvisie vande school’ (SBL, 2009). We hebben aangegeven dat het pedagogisch handelenmeer is dan een rand- voorwaarde om te komen tot effectief didactisch handelen. Het gaat om het pedagogische als doel op zich.Het uiteindelijkedoel vanonderwijs is immers de brede ontwikkeling van kinderen tot een zelfstandig, sociaal en verant- woordelijk individu en lid van de gemeenschap. Pedagogisch handelen staat niet tegenover kennisoverdracht. Taal, rekenen, geschiedenis, aardrijkskunde, natuurkunde, biologie, kunst, dans of drama dragen bij aande optimale ont-

1.2 Pedagogischhandelen

17

Made with