Karim Amghar - Van radicaal naar amicaal

K A R IM AMGH A R

P OL A RIS AT IE EN R A DIC A L ISERING BE S P REEK B A A R M A K EN IN W I JK EN K L A S

Van radicaal naar amicaal

Van radicaal naar amicaal Polarisatie en radicalisering bespreekbaar maken in wijk en klas

Karim Amghar

c u i t g e v e r ij

c o u t i n h o

bussum 2019

www.coutinho.nl/vanradicaalnaaramicaal Bij dit boek hoort een website met per hoofdstuk een filmpje met een korte uitleg.

© 2019 Uitgeverij Coutinho bv Alle rechten voorbehouden.

Behoudens de in of krachtens de Auteurswet van 1912 gestelde uitzonde- ringen mag niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van reprografische verveelvoudigingen uit deze uit- gave is toegestaan op grond van artikel 16h Auteurswet 1912 dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Re- prorecht (www.reprorecht.nl). Voor de readerregeling kan men zich wenden tot Stichting UvO (Uitgeversorganisatie voor Onderwijslicenties, www.stich- ting-uvo.nl). Voor het gebruik van auteursrechtelijk beschermd materiaal in knipselkranten dient men contact op te nemen met Stichting PRO (Stichting Publicatie- en Reproductierechten Organisatie, www.stichting-pro.nl).

Uitgeverij Coutinho Postbus 333 1400 AH Bussum info@coutinho.nl www.coutinho.nl

Omslag: Bart van den Tooren, Amsterdam Foto voorkant omslag: © 123RF.com

Noot van de uitgever Wij hebben alle moeite gedaan om rechthebbenden van copyright te ach- terhalen. Personen of instanties die aanspraak maken op bepaalde rechten, wordt vriendelijk verzocht contact op te nemen met de uitgever. De personen op de foto’s komen niet in de tekst voor en hebben geen relatie met hetgeen in de tekst wordt beschreven, tenzij het anders vermeld is.

ISBN: 978 90 469 0705 4 NUR: 854

Voorwoord

Hi wereldverbeteraar,

Tof dat je mijn boek hebt gekocht om meer te weten te komen over polarisatie en radicalisering. Ik spreek je aan als wereldverbeteraar, omdat ik je naam niet ken maar ervan overtuigd ben dat jij op jouw manier bijdraagt aan een mooiere wereld. Alleen al door je kennis op het gebied van polarisatie en radicalisering te vergroten, zorg je ervoor dat we elkaar iets beter gaan begrijpen. Om te komen tot een mooier morgen moeten we investeren in sociale cohesie, want sa- men staan we sterker! Ik heb dit boek geschreven omdat ik het belangrijk vind om mijn be- vindingen op het gebied van radicalisering te delen. Ik ben docent omgangskunde in het mbo en hbo en zet me als radicaliserings- en polarisatie-expert in voor een veiliger Nederland. Na een verdiepende dialoog blijken geradicaliseerde jongeren vaak gekwetste jonge mannen of vrouwen te zijn – een jongere die voelt dat hij geen identiteit heeft, een jongere die twijfelt of zijn moeder veilig is in Nederland, een jongere die voelt dat hij gehaat wordt van- wege zijn religie, een jongere die voelt dat hij geen kans heeft op een eerlijke toekomst, een jongere die bang is zijn identiteit kwijt te raken terwijl dat het enige is wat hij heeft … Toen ik de Compassieprijs 2018 had gewonnen, zei Karen Armstrong, schrijver en expert op het gebied van religie en aanverwante zaken, tegen mij: ‘Ken je die waarschuwingen voor schokkende beelden tijdens nieuwsuitzendingen? Die zijn bedoeld om de tv te kunnen

uitzetten als je er niet tegen kunt? Dit zijn de momenten waarop we júíst moeten kijken, want soms moeten we pijn voelen in ons hart om compassie te kunnen opbrengen voor een ander die we haten.’ Ook de soms moeilijke gesprekken over radicalisering zijn erg waardevol: om elkaar te helpen en om compassie te voelen. Veel docenten en jongerenwerkers kiezen ervoor om het vaak moei- lijke gesprek over polarisatie en radicalisering maar één keer te voe- ren, bijvoorbeeld wanneer er een aanslag is geweest. Het is echter belangrijk om dit soort gesprekken vaker te voeren. Ik heb dit boek geschreven om te zorgen dat docenten, jongerenwerkers en anderen hierbij helpen en zo radicalisering voorkomen. Ik wil hierbij graag mijn overleden vader Hassan Amghar, mijn moe- der Fatima Oualed Said en mijn broers en zussen Abdellatif, Rachid, Samir, Keltoum, Mohamed, Wadief, Nadjia, Galik, Abdelwahab en Said bedanken, die allemaal op hun eigen manier bijgedragen heb- ben aan mijn schrijfproces. In het bijzonder mijn broer Samir is voor mij en vele anderen een grote steun geweest. Mijn vrouw Sabiha en mijn dochter Hajar ben ik dankbaar voor hun ondersteuning en ge- duld. Verder ben ik Bernhard Holtrop en chief Phil Lane jr. dankbaar voor de brug naar de talking stick -methodiek. En ten slotte ben ik de docenten, jongerenwerkers en betrokken professionals dankbaar voor het meelezen en alle vrienden en familieleden voor de inspiratie en motivatie.

Karim Amghar Rotterdam, 2019

Inhoud

Inleiding

9

1

Wat zijn polarisatie en radicalisering?

13

1.1 Polarisatie en radicalisering

17 22 25 26 32 33 3333333333 40

1.2 Verschillende vormen van radicalisering 1.3 Gevoel in plaats van feiten 1.4 Redenen om te radicaliseren 1.5 Van activisme naar terrorisme 1.6 De vicieuze cirkel van radicalisering

1.7 Samenvatting

2

Hoe ontstaat radicalisering?

43

2.1 Omgaan met radicalisering

47 48 48 56

2.2 Voedingsbodem van radicalisering

2.3 Samenvatting

3

Hoe signaleer je radicalisering?

59

3.1 Radicalisering op school 3.2 Radicalisering in de wijk 3.3 Radicalisering thuis

60 0 66 74 80 83

3.4 Radicaal bedreigende factoren

3.5 Samenvatting

4

Polarisatie en radicalisering bespreekbaar maken

85

4.1

De talking stick-methodiek

86

4.2 Andere methodieken

108 117

4.3 Samenvatting

5

De rol van ouders

119

5.1

Opvoeding versus samenleving

120 124 125 125 128 129

5.2 Opvoeding

5.3 Opvoeding, radicalisering en onderwijs 5.4 Betrokkenheid en radicalisering

5.5 Samenvatting

6

Leren van professionals en ervaringsdeskundigen 131 6.1 Het verhaal van een docent 132 6.2 Het verhaal van een jongerenwerker 136 6.3 Het verhaal van een gezin 138 6.4 Een verhaal over samenwerking 141

Literatuur

144

Illustratieverantwoording

148

Register

149

Over de auteur

151

Inleiding

Radicalisering (het proces waarin het gedrag en de gedachten van een persoon steeds extremer worden) en polarisatie (verdeeldheid) zijn grote uitdagingen in onze samenleving. In een brief aan de Twee- de Kamer schrijven de ministers Koolmees, Grapperhaus, De Jonge en Slob over de aanpak van dit verschijnsel: ‘De aanpak van radicalisering staat niet op zichzelf. Het bevorde- ren van sociale cohesie, het stimuleren van democratisch burger- schap, het bevorderen van arbeidsparticipatie van migranten en het aanpakken van discriminatie zijn belangrijke bouwstenen’ (Mi- nisterie van Veiligheid en Justitie, 2018). Professionals spelen een belangrijke rol als het gaat om het her- kennen en aanpakken van polarisatie en radicalisering. De docent, de jeugdhulpverlener of de wijkagent kan het verschil maken in zijn dagelijkse werk. De toenmalige minister Bussemaker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap stelde: ‘Het onderwijs mag nooit wegkijken’ en ‘Je moet altijd het gesprek aangaan’ (Abels, 2015). Radicalisering (bijvoorbeeld jihadistisch extremisme en rechts-extre- misme) is geen nieuw thema, maar speelt al honderden jaren en dat zal nog lang zo blijven. Het is daarom belangrijk dat we kennis verga- ren over thema’s als radicalisering, polarisatie, diversiteit en inclusie. Daar heeft ons land recht op voor de toekomst. Docenten en jonge- renwerkers vinden het vaak moeilijk het gesprek over polarisatie en radicalisering in de klas en de wijk aan te gaan. Helaas zorgt deze handelingsverlegenheid er geregeld voor dat jongeren risico lopen

9

Van radicaal naar amicaal

door hun radicaliseringsproces voort te zetten. Verder is sprake van een enorme behoefte aan literatuur, hulp, verdieping en tools op dit gebied. Er is te weinig verband tussen literatuur en trainingen over radicalisering en de praktijk. Docenten en jongerenwerkers missen de verhalen, de laagdrempelige tools en daarmee de aansluiting bij ‘hun’ jongeren in de klas en wijk. Dat is de reden dat ik dit boek heb geschreven. Daarbij ook nog een noot over de titel. ‘Van radicaal naar amicaal’ is mijn streven als schrijver en trainer. Mensen die radicaliseren ont- trekken zich aan de samenleving en houden zich bezig met zaken die hen nog verder eraan onttrekken. Iemand die amicaal is daar- entegen, is vriendelijk, hartelijk en kameraadschappelijk en wil juist meedoen in de maatschappij. Het lost niets op om iemand die ra- dicaliseert, als losstaand probleem te zien. Juist iemand helpen om amicaal te worden, zorgt ervoor dat we als samenleving beter met elkaar kunnen leven. Methodiek Dialoogsessies en trainingen kunnen leiden tot mooie resultaten. Docenten en jongerenwerkers krijgen meer vertrouwen in zichzelf om polarisatie en radicalisering bespreekbaar te maken – preventief en curatief. En jongeren voelen meer veiligheid in de klas en wijk om zich te uiten, wat zorgt dat eerstelijnswerkers beter kunnen ingrijpen als ze merken dat het minder goed gaat met een jongere. In dit boek komen meerdere methodieken aan bod. Met name de talking stick-methodiek wordt uitgebreid belicht. Deze methodiek zorgt ervoor dat je met een groep als team aan de slag gaat om uit- dagingen op te lossen. Dit doe je door eerst te bouwen aan veiligheid en vervolgens aan openheid en kwetsbaarheid. De methodiek zorgt voor sociale veiligheid in de klas of wijk en leert jongeren kritische denkvaardigheden, zelfredzaamheid en weerbaarheid. De persoon

10

Inleiding

die de groep begeleidt, is belangrijker dan de werkvorm. Sta dus met je hart voor de groep en voel de jongeren goed aan, kom echt in ver- binding en durf je kwetsbaar op te stellen. Doelgroep Dit boek is geschreven voor eerstelijnswerkers in onderwijs en jon- gerenwerk. Veel docenten en jongerenwerkers geven aan graag het gesprek over polarisatie en radicalisering aan te willen gaan, maar weten vaak niet hoe. Ze kampen ieder op hun manier met uitda- gingen rondom dit thema. Zo zijn er docenten met een islamitische achtergrond die vertellen dat ze door een niet-westerse Nederlandse groep snel bestempeld worden als overloper of ‘nep-moslim’. Het- zelfde probleem is zichtbaar bij een westers-Nederlandse docent of jongerenwerker die weggezet wordt als overloper door een wes- ters-Nederlandse groep bij een scherp gesprek over Zwarte Piet. Docenten en jongerenwerkers hebben dus geregeld te maken met radicaliserende jongeren en kunnen een grote bijdrage leveren aan het voorkomen en aanpakken van polarisatie en radicalisering. Uiter- aard is dit boek ook bruikbaar voor politie, ouders, ambtenaren uit het sociaal domein en andere professionals die op de een of andere manier te maken krijgen met polarisatie en radicalisering. Minister De Jonge stelt: ‘Het is een gedeelde verantwoordelijkheid om grenzen te stellen en richting te geven aan jongeren. Je hebt altijd steun van een an- der nodig om het verschil te maken in het leven van deze jongeren’ (Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 2018b). Dit boek geeft je ongeacht je achtergrond, gender, leeftijd en religie een kijkje in de denkwijze van personen en groepen die radicaliseren of polariseren, het proces daarachter en de manieren om hiermee om te gaan. Het bevat tips en tools die hun waarde hebben bewezen

11

Van radicaal naar amicaal

in de praktijk. Per hoofdstuk heb ik een filmpje gemaakt met een kor- te uitleg. Wil je dus even snel horen waar een hoofdstuk over gaat? Ga dan naar www.coutinho.nl/vanradicaalnaaramicaal . Taal is essentieel. Daarom ben ik me erg bewust van wat taal doet met de beeldvorming over gender. Omdat ik graag wil dat het boek prettig te lezen is, kies ik er toch voor om ‘hij’ en ‘hem/zijn’ aan te houden. Ik begin elk hoofdstuk met een waargebeurd verhaal (casus), waar- door je je leert verplaatsen in de situatie van de jongere en een beter beeld krijgt van het proces dat schuilgaat achter radicalisering. Uit privacyoverwegingen zijn de namen van de betrokkenen in de ca- sussen veranderd. Het is belangrijk dat we investeren in kennis over polarisatie en radicalisering. Onze jongeren zijn de toekomst van Ne- derland en samen staan we sterk.

12

1

Wat zijn polarisatie en radicalisering?

Dit hoofdstuk gaat over polarisatie en radicalisering en hoe deze zich tot elkaar verhouden. Na het lezen van dit hoofdstuk weet je: ■■ wat polarisatie is; ■■ wat de definitie van radicalisering is; ■■ welke verschillende vormen van radicalisering er zijn; ■■ de weg die radicalisering kan afleggen: van activisme naar terro- risme.

13

1 • Wat zijn polarisatie en radicalisering?

Ik begin met een van de casussen die mij persoonlijk het meest heeft ge- raakt. Het is een verhaal over de kracht van diversiteit. Dat begrip staat voor de grote verscheidenheid aan mensen in onze samenleving: man, vrouw, religieus, atheïst, blond, brunette, met bril, jong, oud, lang, kort enzovoort. Het is ook een verhaal over radicalisering, een verhaal over religie en een verhaal over aanslagen. De eerste keer dat ik het resultaat van het bespreekbaar maken van ra- dicalisering ondervond, was in een klas vlak na de aanslagen op Charlie Hebdo. Mijn collega-trainer en vriend Bernhard Holtrop

en ik werkten al maanden met een erg leuke klas met veel diversiteit. De leerlingen waren dus al op de hoogte van onze dialoogmethodiek en hadden het vertrouwen dat hun stem gehoord zou worden. De dag na de aanslagen waren ze enorm aan het stuiterballen op de gang. Ze schreeuwden: ‘Heb je het gezien?! Het is allemaal het Westen dat dit in gang heeft gezet!’ Ik bleef rustig

Het is een verhaal over de

kracht van diversiteit

en gaf aan dat we in de klas in dialoog over de gebeurtenissen zouden praten, waardoor de leerlingen vanzelf iets rustiger werden. Ze wisten dat er straks een moment zou komen waarop ze hun verhaal zouden kunnen vertellen en dat ze daarvoor echt de ruimte zouden krijgen. Geen gehaas- te discussie met onderbrekingen, maar een dialoog – dus veel rust, geen waardeoordeel en inspireren in plaats van overtuigen. Ik deed de deur open, alles stond al in de juiste setting. De tafels waren aan de kant geschoven en de stoelen stonden in een nette cirkel met in het midden een stapel boeken en daarbovenop de talking stick (degene die de stok vasthoudt, is de enige die op dat moment spreekt, zie hoofdstuk 4). Sommige leerlingen waren nog boos en emotioneel, andere waren in- middels tot rust gekomen. Toen we allemaal zaten, begon ik op het smart- board met de presentatie die ik had voorbereid, met stellingen en vragen om over in dialoog te gaan. Op het scherm verscheen de vraag: ‘Aanslagen op Charlie Hebdo, wat vind jij? En hoe heb jij het beleefd?’

14

1 • Wat zijn polarisatie en radicalisering?

De eerste die de stick oppakte, was Hamid. ‘Meneer, luister, ik vind gewoon niet dat mijn profeet beledigd mag worden. Mensen snappen niet hoe we hem respecteren. Er zijn weinig dingen waarvan ik ga huilen, maar als ik slechte verhalen over de profeet hoor …Maar om daar mensen voor te do- den? Ik weet het niet, man.’ De stick ging door en de volgende vier leerlin- gen antwoordden ongeveer hetzelfde. Totdat de stick aankwam bij Khalid, die zei: ‘Als je mijn profeet zo beledigt, dan snap ik wel waarom iemand je wil vermoorden!’ De klas schrok een beetje, en ik ook. Ik en een aantal an- deren in de klas wilden heel graag reageren door te zeggen dat dit niet kan, maar gelukkig deden we dit niet. Khalid vervolgde: ‘Deze shit is niet goed, man. Waarom willen ze constant de moslims pakken? Waarom willen ze steeds de profeet beledigen? Willen ze dat we boos en gek worden? Ik ben hier gewoon klaar mee. Ja, als iemand mijn profeet beledigt, dan vind ik dat geweld gebruikt mag worden om ervoor te zorgen dat hij ermee stopt. Praten werkt niet meer.’ De stick ging verder en de antwoorden bleven in lijn met het antwoord van Hamid, ongeacht de religie of afkomst van de leerlingen. Tot de stick aankwam bij Djordy, die zei: ‘Meneer, ik wil nog even niet re- ageren op de stelling, maar ik wil een waargebeurd verhaal vertellen. Ik kom uit een gezin van Jehova’s getuigen. Wij gaan allemaal op pad om het woord van God te verkondigen. Dit doen we uit liefde voor ons geloof en voor onze medemens. Op een dag belde een lid van onze gemeenschap voor de zoveelste keer aan bij dezelfde man. De man werd erg boos en begon te schelden. De Jehova’s getuige bleef standvastig en zei dat hij de man wilde helpen uit liefde voor hem en voor het geloof. Maar de man werd bozer en bozer, zo boos dat hij de Jehova’s getuige een duw gaf. Ons gemeenschapslid kwam verkeerd neer en was op slag dood…’ De hele klas – ook Khalid en ik – hing aan Djordy’s lippen. ‘De man ging naar de gevan- genis en kwam na een aantal jaren weer vrij. Nog geen maand later werd er opnieuw aangebeld door een Jehova’s getuige. De man vroeg: ‘Weet u wel wie ik ben?’ En de Jehova’s getuige zei: ‘Ja, ik weet wie u bent. Daar- om sta ik hier.’ De man was stomverbaasd en zei: ‘Kom maar binnen.’ Hij had in de gevangenis al veel tijd gehad om na te denken over wat hij had

15

1 • Wat zijn polarisatie en radicalisering? r

gedaan en had enorme spijt. Tijdens het gesprek besloot hij dat hij een keer met de Jehova’s getuigen op pad wilde en dat gebeurde. Een tijd later besloot hij zelf het woord van God te gaan verspreiden als Jehova’s getui- ge. Maar tijdens de kerkdienst waarbij hij in de gemeenschap zou worden opgenomen, barstte de man in tranen uit en zei: ‘Ik kan het niet. Ik voel me te schuldig! Ik moet vergeven worden door het gezin van degene die ik heb vermoord.’ De Jehova’s getuige die hem begeleidde, dezelfde die een paar maanden eerder bij hem had aangebeld, liep naar hem toe, legde zijn hand op zijn schouder en zei: ‘Ik vergeef je.’ De man draaide zich verbaasd om en zei: ‘Hoe bedoelt u?’ De Jehova’s getuige herhaalde: ‘Ik vergeef je. Ik ben de vader van diegene die je hebt vermoord. God is vergevensgezind, dus waarom wij niet?’ De hele klas moest even slikken, maar Khalid was het meest aangeslagen door het verhaal. Hij vroeg: ‘Mag ik de stick heel even terug?’ Ik vond het goed, omdat ik iets moois zag ontstaan. Khalid zei: ‘Wow … dit zet je wel even aan het denken. Want weet je, als de profeet nu had geleefd, dan zou hij het de mensen die hem beledigen ook vergeven. En als de profeet ver- gevensgezind is, wie zijn wij dan om hier mensen voor te doden? Dat voelt niet oké.’ Khalids woorden kwamen nogal binnen bij zijn medeleerlingen, vooral bij diegenen die ook vrij radicale emoties hadden, zich niet gehoord voelden en niet verbonden met de rest. Het verhaal van Djordy liet Khalid de eerste stappen zetten in het deradicaliseren zonder dat een professional hoefde in te grijpen. Na het einde van de les liepen Khalid en Djordy samen de klas uit en die twee hebben elkaar de rest van het schooljaar enorm geïnspireerd en versterkt. In de klas ontstond een veilige sociale context waarin leerlingen over emoties konden praten. Hierdoor leerden ze de ver- antwoordelijkheid te nemen voor hun directe eigen omgeving. De wijsheid zit in de jongeren zelf, en als docent is het dus vaak beter om niet je mening te geven, maar je vooral bezig te houden met het faciliteren van het proces.

16

1.1 • Polarisatie en radicalisering

We zien hier de kracht van diversiteit in de klas, de kracht van dialoog en de kracht van verbonden zijn met elkaar. Dit vergt investering, handelingsperspectieven en kennis van polarisatie en radicalisering. De rol van docenten en jongerenwerkers is hierbij van grote waarde. Door professionals in hun kracht te zetten, kunnen we als samenle- ving veel betekenen voor jongeren die dwalend zijn.

1.1 Polarisatie en radicalisering

Polarisatie Polarisatie en radicalisering hebben veel met elkaar te maken en versterken elkaar. Polarisatie – het ontstaan van een tweedeling in de samenleving – is zichtbaar in gedrag tegenover een ander die niet hetzelfde gedachtegoed heeft als jij. Polarisatie komt voort uit het onvermogen om een sociaal gesprek te voeren met iemand die an- ders denkt dan jij, waardoor tegenstellingen tussen personen, partij- en en/of bevolkingsgroepen worden versterkt. Stel dat verschillende bevolkingsgroepen binnen een land vredig met elkaar samenleven. Op een gegeven moment, in een rumoerige tijd, staat een leider op die beweert dat de andere bevolkingsgroe- pen anders zijn en de boel willen overnemen. Deze leider gebruikt oneliners als ‘Je bent of met ons of tegen ons’ en belicht alleen de ne- gatieve kanten van de andere bevolkingsgroepen. Hij speelt zo in op het gevoel van zijn volgers, want polarisatie is een gevoelsdynamiek (Brandsma, 2016). Bart Brandsma beschrijft vijf verschillende rollen binnen het proces van polarisatie: ■■ De duwer ( pusher ): dit is de leider, die zijn volgers opzet tegen de andere bevolkingsgroepen door in te spelen op angst. ■■ De volger ( joiner ): deze persoon volgt de duwer niet per se, maar vindt wel dat die goede punten heeft – de andere bevolkingsgroe-

17

1 • Wat zijn polarisatie en radicalisering? r

pen zijn een beetje raar en met alleen onze eigen soort mensen samenleven zou prettiger zijn. ■■ Het stille midden ( silent ): deze groep laat niet van zich horen, oor- deelt genuanceerd en ziet eerst de mens en niet alleen een lid van een andere bevolkingsgroep. Het stille midden streeft naar har- monie in de samenleving en vormt aan het begin van het polarisa- tieproces de grootste groep. Als polarisatie toeneemt, wordt deze kleiner en worden de kampen van de duwers en de volgers groter. ■■ De bruggenbouwer ( bridge builder ): deze probeert de duwers uit de verschillende bevolkingsgroepen dichter bij elkaar te brengen door te laten zien dat we niet zo veel van elkaar verschillen. ■■ De zondebok ( scapegoat ): de duwer wil aantonen dat de verschil- lende bevolkingsgroepen niet op elkaar lijken en bestempelt de bruggenbouwer daarom vaak als zondebok. Dit gebeurt op het moment dat de polarisatie zodanig is gegroeid dat een groot deel van de bevolking moet kiezen tussen A of B. De zondebok bestaat dus niet al vanaf het begin. De samenleving verhardt door polarisatie en vervreemdt de verschil- lende bevolkingsgroepen van elkaar. Door polarisatie ontstaat angst, wat ertoe leidt dat mensen elkaar niet meer opzoeken voor een con- structief gesprek over belangrijke sociaal-maatschappelijke thema’s. Men gaat ervan uit dat een gesprek met andersdenkenden geen nut heeft. Maar polarisatie is een gevoelsdynamiek en gevoel kun je niet bestrijden met feiten of straffen. Je kunt dit alleen aanpakken door meer verbinding te creëren tussen de andersdenkenden. Het verschil tussen polarisatie en radicalisering is dat polarisatie gaat over het uit elkaar drijven van verschillende groepen of personen. Radicalisering is het proces dat een persoon doormaakt van zich ac- tief en vredig inzetten voor een bepaald doel tot geweld gebruiken om zijn doel te bereiken.

18

1.1 • Polarisatie en radicalisering

Radicalisering ‘Radicalisering’ is een soms wat verwarrend containerbegrip waar- onder ook activisme, extremisme en terrorisme worden geschaard. Voor mensen is het daaromookmoeilijk omdeze termgoed te begrij- pen. Tijdens trainingen en lessen krijg ik dan ook vaak de opmerking dat de term vaag aandoet. Een leerling zei: ‘Meneer, radicalisering is toch als je mensen vermoordt uit naam van de islam?’ Men denkt dat als je over radicalisering spreekt, het dan automatisch over jihadisti- sche radicalisering gaat of over terrorisme. Het is daarom van belang om de term goed te definiëren. Het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) definieert radicalisering als volgt:

19

1 • Wat zijn polarisatie en radicalisering? r

‘Radicalisering is een proces waarbij een persoon of groep in toe- nemende mate bereid is de consequenties te aanvaarden van de strijd voor een samenleving die niet strookt met onze democrati- sche rechtsorde. Dit kan ertoe leiden dat die persoon of groep daar ook naar gaat handelen en zelfs bereid is geweld te gebruiken om die opvattingen te realiseren’ (NJi, z.j.).

Stichting School & Veiligheid stelt:

‘Radicalisering is een grillig verlopend proces waarbij een leerling geraakt wordt door radicaal gedachtegoed, afdrijft van democra- tie en toe groeit naar extremisme. Een leerling raakt geïnspireerd en gaat geloven in een extremistisch wij-zijverhaal en gaat daar steeds meer persoonlijke consequenties aan verbinden. Radicali- sering is een mogelijk spoor van ontsporing’ (Stichting School & Veiligheid, z.j.). De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid ge- bruikt een definitie die goed aansluit bij de huidige problemen in de samenleving: ‘De groeiende bereidheid tot het nastreven en/of ondersteunen van diepingrijpende veranderingen in de samenleving die op ge- spannen voet staan met de democratische rechtsorde en/of waar- bij ondemocratische middelen worden ingezet’ (radicaalofpube- raal.nctv.nl). Ikzelf leg radicalisering aan mijn leerlingen als volgt uit: mensen die radicaal denken, bevinden zich ‘buiten het normale’, hetgeen wij als samenleving met elkaar hebben afgesproken als (Nederlandse) normen en waarden. Buiten die ‘norm’ vallen bijvoorbeeld voet- balsupporters die bushokjes slopen naar aanleiding van een verlo- ren wedstrijd (niet normaal) en mensen die ruiten ingooien, omdat

20

1.1 • Polarisatie en radicalisering

er vluchtelingen in de buurt komen wonen (niet normaal). Er zijn dus verschillende vormen van radicalisering en deze term is van toepas- sing op alles wat buiten het normale valt – dus niet alleen op jihadis- tisch extremisme. Radicalisering begint met het vormen van extreem gedachtegoed door het teruggrijpen naar een orthodoxe denkwijze en het ver- keerd interpreteren daarvan. Dat is niet in strijd met de democratie, want iedereen heeft in Nederland vrijheid van meningsuiting – ook al is zijn mening radicaal. Radicalisering kan worden gevoed door bijvoorbeeld discriminatie en identiteitscrisis (zie paragaaf 2.2) en wordt gevaarlijk als de betrokkene zijn radicale ideeën met geweld aan de samenleving wil opdringen. Hoe meer een samenleving polariseert, des te groter de kans dat mensen radicaliseren. Radicaal denken wordt namelijk gevoed door polarisatie en vice versa. Zo worden de ideeën van de hiervoor be- schreven duwer gevoed door radicaliserende leden van andere be- volkingsgroepen. Daarom is een preventieve aanpak in een vroeg stadium ontzettend belangrijk. Vrijheid en veiligheid creëren, waardoor mensen hun ‘echte’ mening durven delen, draagt daaraan bij. Iedereen met radi- cale ideeën achter slot en grendel zetten of zeggen ‘Dit mag je nooit meer denken en zeker niet doen!’ heeft een negatief effect en leidt alleen maar tot sociaal wenselijke antwoorden waar je op de lange termijn niets aan hebt. Door de jaren heen is de betekenis van de term ‘radicalisering’ ver- vormd. Sommige mensen hebben het gevoel dat radicalisering au- tomatisch over islamitische radicalisering gaat of over aanslagen en terrorisme. ‘Radicalisering’ is echter van toepassing op alles wat buiten de norm valt die we met elkaar als samenleving hebben af- gesproken. Daarbij horen dus ook voetbalsupporters die muntjes

21

1 • Wat zijn polarisatie en radicalisering? r

gooien naar arme mensen op straat (niet normaal), hooligans die een stad vernielen naar aanleiding van een verloren wedstrijd (niet normaal) en mensen die alles kapotslaan omdat er vluchtelingen in de buurt komen wonen (niet normaal). Dat valt allemaal buiten het normale Nederlandse gedachtegoed dat we met zijn allen hebben afgesproken.

1.2 Verschillende vormen van radicalisering

Er zijn zoals gezegd verschillende vormen van radicalisering. In deze paragraaf zal ik een aantal van deze vormen benoemen met voor- beelden, wat leidt tot een completer beeld van radicalisering, het daarbij behorende gedrag en hoe ermee om te gaan. Religieuze radicalisering De inspiratie voor religieuze radicalisering is afkomstig uit religie. Hierbij kun je denken aan iemand die vindt dat hij geweld mag ge- bruiken als een ander zijn religie beledigt. Of aan iemand die vindt dat de regels van zijn religie moeten gelden in het land waar hij woont en dit desnoods wil bewerkstelligen met geweld. Dat maakt niet de religie radicaal, maar de persoon die de religie interpreteert. De religie zelf aanpakken is dan ook zinloos. Wel is het nuttig om ge- radicaliseerde jongeren weerbaarheid, zelfredzaamheid en kritische denkvaardigheden aan te leren. Religieuze radicalisering heeft een voedingsbodem nodig om te ver- ergeren. Als iemand een radicaal religieus gedachtegoed heeft maar geen voedingsbodem, maakt dit de persoon aanzienlijk minder ge- vaarlijk dan iemand met een stevige voedingsbodem. De voedings- bodem kan een gebroken gezin zijn, het hebben van veel schulden of discriminatie en uitsluiting. Daarop gaan we in paragraaf 2.2 nader in.

22

1.2 • Verschillende vormen van radicalisering

Politieke radicalisering Bij politieke radicalisering is de inspiratie afkomstig uit de politiek. Zo kan een politiek besluit om de belasting op de primaire levens- behoeften te verhogen iemand het gevoel geven geweld te mogen gebruiken om zijn doelen te bereiken. Andere voorbeelden zijn de ETA, de IRA en de RAF, die in eigen land terreur zaaiden (radicaalof- puberaal.nctv.nl). Mensen kunnen zich eerst als activist inzetten om de door hen er- varen onderdrukking door de politiek tegen te gaan. Ze zetten zich bijvoorbeeld in voor dierenrechten of het milieu. Dit kan met vreed- zame demonstraties, maar door het versterken van negatieve invloe- den (van een gebroken gezin tot discriminatie), en dus het vergroten van de voedingsbodem, kan een activist radicaler worden en de stap zetten naar het gebruiken van geweld om zijn doel te bereiken. Er bestaat een wezenlijk verschil tussen activisme, radicalisering, ex- tremisme en terrorisme. Activisme heeft in Nederland en vele andere landen veel moois teweeggebracht. Denk bijvoorbeeld aan Aletta Ja- cobs, die zich als activist inzette om het onderwijs toegankelijker te

23

1 • Wat zijn polarisatie en radicalisering? r

maken voor vrouwen en in 1870 als eerste vrouw in Nederland werd toegelaten tot de hbs. Ook bijvoorbeeld Benito Mussolini begon als activist. De stichter van het fascisme begon zijn carrière als een ‘normale’ politicus met dromen voor een mooi Italië, maar hij werd steeds radicaler. Radi- calisme is niet per definitie gevaarlijk. We spreken van radicalisme als nog binnen de kaders van de wet wordt gehandeld. Als iemand niet alleen ideeën heeft die in strijd zijn met onze democratie, maar ook buiten de kaders van de wet treedt en acties inzet waarbij de regels binnen de samenleving worden gebroken, noemen we hem een extremist. Mussolini begon een propagandablad om zijn natio- nalistische ideologie te propageren en richtte een knokploeg op – de zwarthemden – die geweld gebruikte tegen andersdenkenden zoals de socialisten (Paxton, 2005). Met dat laatste werd hij een terrorist: iemand die buiten de wet staat en geweld gebruikt om zijn doelen te bereiken. Mussolini radicaliseerde dus van ‘normale’ politicus en activist tot extremist en terrorist.

24

Made with FlippingBook - professional solution for displaying marketing and sales documents online