Frank & van de Vooren-Fokma - Onderzoek in de juridische praktijk

Inleiding Onderzoek in de juridische praktijk is een praktisch studieboek voor studen- ten die een (afstudeer)onderzoek uitvoeren voor een juridische hbo-oplei- ding. Praktijkgericht juridisch onderzoek richt zich op het oplossen van een acuut juridisch probleem van een opdrachtgever: een advocatenkantoor wil weten hoe het zijn cliënten moet adviseren over een nieuwe wet, een ge- meente wil de bezwaarprocedure versnellen, of een groot bedrijf wil een be- paald juridisch proces digitaliseren, maar weet niet goed hoe. In dit boek gaat het om het uitvoeren van zulk onderzoek: Hoe krijg je de onderzoeksvraag helder? Welke onderzoeksmethode(n) kies je? Hoe voer je het onderzoek uit? De achterliggende theorie over onderzoek wordt waar nodig besproken, maar de nadruk ligt op de praktijk. Elk hoofdstuk bevat dan ook veel oefenin- gen om het geleerde direct in praktijk te brengen. Het boek volgt de stappen die je zet tijdens het onderzoek: van het opdracht- gesprek tot het presenteren van de eindresultaten. Aan elk onderwerp is een hoofdstuk gewijd waarin theorie en oefeningen elkaar steeds afwisselen. Opdrachtgesprek Een onderzoek begint met een vraag van een opdrachtgever. Het is aan de onderzoeker om er in een gesprek achter te komen wat het probleem precies is. Hoe groot is het probleem? Wie zijn de betrokkenen? Heeft de opdracht- gever al ideeën over een oplossing? Zijn er misschien beperkingen aan het onderzoek? Het is belangrijk om al deze zaken in een zo vroeg mogelijk sta- dium duidelijk te hebben, zodat je goed van start gaat. Opzet van het onderzoek Als het probleem van de opdrachtgever helemaal duidelijk is, is het tijd om een onderzoeksplan op te stellen. Voor je dat kunt doen, heb je wat theo- retische kennis nodig over bijvoorbeeld de onderzoekscyclus, verschillende soorten onderzoek en de eisen die gesteld worden aan de betrouwbaarheid en validiteit van een onderzoek. In het onderzoeksplan geef je kort aan wat de aanleiding voor het onderzoek is en noem je de centrale vraag en de deel- vragen. Ook leg je uit welke onderzoeksmethode je hebt gekozen en waarom. Dit plan bespreek je met de opdrachtgever – nu kun je nog makkelijk bijstu- ren als blijkt dat je toch niet helemaal de goede kant opgaat. Als het onderzoeksplan is goedgekeurd, kun je aan de slag met het eigenlijke onderzoek. Dat onderzoek valt uiteen in twee delen: een theoretisch deel en een praktijkdeel.

11

Made with FlippingBook Online newsletter