Gerda van Straten, Margot Scholte en Ard Sprinkhuizen - Dichterbij de basis

Dichterbij de basis

Methodisch werken in het sociale domein

Gerda van Straten, Margot Scholte, Ard Sprinkhuizen

u i t g e v e r ij

c

c o u t i n h o

Dichterbij de basis

Dichterbij de basis Methodisch werken in het sociale domein

Gerda van Straten Margot Scholte Ard Sprinkhuizen

c u i t g e v e r ij

c o u t i n h o

bussum 2017

www.coutinho.nl/dichterbijdebasis Je kunt aan de slag met het online studiemateriaal bij dit boek. Dit materiaal bestaat uit hulpmiddelen en links.

© 2017 Uitgeverij Coutinho bv Alle rechten voorbehouden.

Behoudens de in of krachtens de Auteurswet van 1912 gestelde uitzonderingen mag niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gege- vensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of op enige andere manier, zonder vooraf- gaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van reprografische verveelvoudigingen uit deze uitgave is toege- staan op grond van artikel 16 h Auteurswet 1912 dient men de daarvoor wettelijk ver- schuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Reprorecht (Postbus 3051, 2130 KB Hoofddorp, www.reprorecht.nl). Voor het overnemen van (een) gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet 1912) kan men zich wenden tot Stichting PRO (Stichting Publicatie- en Reproductierech- ten Organisatie, Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp, www.stichting-pro.nl).

Uitgeverij Coutinho Postbus 333 1400 AH Bussum info@coutinho.nl www.coutinho.nl

Omslag: Neo & Co, Velp

Noot van de uitgever Wij hebben alle moeite gedaan om rechthebbenden van copyright te achterhalen. Per- sonen of instanties die aanspraak maken op bepaalde rechten, wordt vriendelijk ver- zocht contact op te nemen met de uitgever.

ISBN 978 90 469 0546 3 NUR 752

Voorwoord

Dichterbij biedt een methodisch handelingsmodel om te interveniëren in de leefwereld van mensen. Het cyclisch werken dat kenmerkend is voor het sociaal werk wordt op een dynamische wijze ingezet, passend bij wat de situatie op dat moment vraagt. Dit boek maakt inzichtelijk hoe de sociaal werker in individu- ele situaties vanuit het werken met gezinnen en groepen, en op het gebied van samenlevingsopbouw de eigen deskundigheid in kan zetten om de kwaliteit van leven van mensen te verbeteren. De werkwijze van Dichterbij is voortgekomen uit een vierjarig project dat in 2008 van start is gegaan. Het project is met RAAK-subsidie uitgevoerd onder regie van Hogeschool Inholland. Vele professionals van praktijkinstellingen en docenten en studenten van hogescholen hebben eraan bijgedragen. Het doel was om de bestaande intakewerkwijze voor hulp- en dienstverlening te moder- niseren en aan te laten sluiten bij de ontwikkelingen in het brede sociaal werk- veld. Dit mondde in 2012 uit in de publicatie Dichterbij. Wegen en overwegen in het sociaal werk. Al snel werd Dichterbij opgepakt in de praktijk van het moderne sociaal werk en inmiddels werken veel wijkteams in diverse gemeenten al volgens de manier van werken die in het boek wordt beschreven. Bij het boek is inmiddels ook een cursus opgezet als post-hbo, zijn docenten getraind om nascholingstrajecten aan te bieden en is veel extra ondersteunings- materiaal ontwikkeld. Tegelijk is het boek ingevoerd op tal van opleidingen bij hogere sociale studies en diverse paramedische studies, zoals ergotherapie, die de vernieuwingen in het sociaal werk op wilden pakken. Vanuit het gebruik van Dichterbij ontstond een vraag naar een uitgave die meer uitleg gaf bij de ver- schillende processtappen. Studenten die vanuit deeltijd instromen en ervaring hebben met de principes van het sociaal werk konden goed uit de voeten met Dichterbij. Studenten die echter aan het begin van hun studie staan, hebben vaak nog geen beeld van de praktijk van het sociaal werk en er bleek behoefte te zijn aan een onderbouwing van de diverse stappen met de toevoeging van veel praktische voorbeelden. In die leemte willen we voorzien met deze nieuwe pu- blicatie. Dichterbij de basis. Methodisch werken in het sociale domein. Het boek beoogt studenten in de eerste twee jaren van hun studie te voorzien van de bagage die nodig is om te kunnen handelen in de hedendaagse, complexe en snel veranderende praktijk. Tegelijk willen we opleiders met deze uitgave de

mogelijkheid bieden om te differentiëren. Vanuit het idee om een ondersteu- nende reader te maken, ontstond geleidelijk een nieuw boek dat docenten de mogelijkheid geeft om te kiezen welke uitgave bij welke groep studenten het beste aansluit. De huidige uitgave Dichterbij wordt op veel opleidingen naar tevredenheid gebruikt, hoewel die in onze optiek de publicatie blijft voor soci- aal werkers die hun werkwijzen willen toesnijden op de veranderende vragen en opdrachten in het transformerende sociale domein. In die publicatie wordt uitgebreider gereflecteerd op de praktijktheoretische bouwstenen van Dichter- bij: empowerment, wederkerigheid en normatieve professionaliteit. Daarmee is die uitgave volgens ons een geschikte keuze om gebruikt te worden in die opleidingen waar studenten al veel in de praktijk werken, zoals deeltijdoplei- dingen, duale opleidingen of voltijdopleidingen die het leren op de werkplek centraal stellen. Dichterbij de basis biedt op didactisch gebied meer ondersteuning. Het boek staat vol voorbeelden waardoor het studenten een goed beeld geeft hoe de prin- cipes van Dichterbij toegepast kunnen worden in uiteenlopende situaties en die tegelijk voldoende ruimte laten om daarin ook af te kunnen wijken en een eigen werkwijze te ontwikkelen. Elk hoofdstuk sluit af met opdrachten die de stof doen leven en die mogelijkheden geven om studenten actief met de concepten van Dichterbij aan de slag te laten gaan. De opdrachten zijn uitgeprobeerd in het hoger onderwijs door een groot aantal studenten, en aan de hand van hun ervaringen is de didactiek aangepast en zijn opdrachten bewerkt. In het boek zijn ook veelgebruikte hulpmiddelen opgenomen, zoals vraagsug- gesties voor het opstarten van het contact en het exploreren van de situatie. Op de bijbehorende website ( www.coutinho.nl/dichterbijdebasis ) zijn verschil- lende hulpmiddelen en verwijzingen naar relevante websites te vinden. De ontwikkelde hulpmiddelen zijn opnieuw tegen het licht gehouden en hier en daar aangepast of aangevuld. De uitleg is uitgebreider en meer toege- sneden op de doelgroep van (beginnende) studenten. Tegelijk biedt het aanvul- lende materiaal een schat aan informatie die bij tal van andere studieonderde- len en in de (toekomstige) beroepspraktijk van pas kan komen. Aan Dichterbij de basis is met veel enthousiasme gewerkt door Gerda van Stra- ten, een ervaren onderwijsontwikkelaar en methodiekdocent in het sociaal werk. Margot Scholte en Ard Sprinkhuizen, medeontwikkelaars van Dichter- bij, hebben meegewerkt aan het uitbreiden van de tekst en het inbedden in het theoretisch kader. Op deze manier zijn de verschillende deskundigheden gebundeld. Als auteurs zijn we dank verschuldigd aan Willemijn Koolhaas, Irma Dek- ker en Meena van Opzeeland. Zij hebben de tekst voorzien van opbouwend commentaar vanuit hun ervaring in de praktijk. En laten we niet de studenten

vergeten die als pioniers de wijken in gingen om hun praktijkvaardigheden te oefenen aan de hand van opdrachten en reflecties in een reader. Ook naar hen gaat onze dank uit! We hopen dat we met deze publicatie studenten kunnen begeleiden bij het pro- fessioneel leren handelen en reflecteren in het sociaal werk. Want het beroep van sociaal werker is en blijft mooi en uitdagend: onontbeerlijk en nooit saai! Gerda van Straten, Margot Scholte en Ard Sprinkhuizen december 2016

Inhoud

Inleiding

11

1

Dichterbij: visie en basishouding

15 17 19 23 27

1.1 Methodisch werken 1.2 Theoretische onderbouwing 1.3 Basishouding Dichterbij

Opdrachten

2

Werkprincipes

29

2.1 Werkprincipe 1: organiseer ondersteuning dicht bij de leefwereld van de cliënt 2.2 Werkprincipe 2: empower alle betrokkenen door het maken van verbindingen 2.3 Werkprincipe 3: begin met eenvoudige, lichtvoetige en korte acties 2.4 Werkprincipe 4: gebruik professionaliteit op een creatieve manier 2.5 Werkprincipe 5: werk aan de hand van het cyclisch werkproces

30

31

40 42 45 45 47 49 52 53 54 56 59 63 63 70 74 75 77

Opdrachten

3

Het cyclisch werkproces

3.1 Waarom cyclisch werken? 3.2 ‘Eropaf ’ en het cyclisch werkproces

3.3 Met wie werk je? 3.4 Interactie met de cliënt

3.5 Rapporteren van het cyclisch werkproces

Opdrachten

4

Taak 1: contact tot stand brengen

4.1 Aanlooproutes naar het sociaal werk

4.2 Het eerste contact

4.3 Sociale en culturele verschillen 4.4 Inspelen op verbale en non-verbale uitingen

Opdrachten

5

Taak 2: situatie verkennen

79 81 90 94

5.1 Gesprekstechnieken

5.2 In gesprek met meerdere personen 5.3 Hulpmiddelen voor het verkennen van de situatie

Opdrachten

100

6

Taak 3: situatie afwegen

109 110 111 113 116 117 118 120 126 132 135 137 139 143

6.1 Disbalans tussen draagkracht en draaglast

6.2 Soort balansverstoring

6.3 Aandachtspunten bij het afwegen

Opdrachten

7

Taak 4: wensen en oplossingen verkennen

7.1 Overzicht van mogelijke oplossingen 7.2 Tips bij het zoeken naar oplossingen

7.3 Begeleidervaardigheden tijdens het zoeken naar oplossingen

Opdrachten

8

Taak 5: plannen en acties uitvoeren en bijstellen

8.1 Plannen en acties vastleggen 8.2 Acties van de cliënt coachen

Opdrachten

9

Taak 6: evalueren en/of afsluiten

145

Opdrachten

147

Bijlagen

149 150 157 166 168 171 172

1 2 3 4 5 6

Typologie van balansverstoringen

Leefgebiedenlijst Lijst gespreksthema’s

Uitgebreide vragenlijst gespreksthema’s Verkorte vragenlijst gespreksthema’s

Participatielijst

Literatuur

176

Register

177

Inleiding

De praktijk van sociaal werkers verandert sterk en daarmee verandert ook de manier van werken. Vanuit een samenhangend kader van denken en doen, richt de sociaal werker zich op het verbeteren van de wisselwerking tussen mens en samenleving. Wat daarin goed is om te doen of na te streven, is afhankelijk van de specifieke context. Volgens Van Regenmortel gaat het om oog te hebben voor zowel het individuele als het collectieve en vooral om de wisselwerking daartussen. Een sociaal werker richt zich op het versterken van de krachten en vermogens van mensen en tegelijk op de beïnvloeding van de omgeving om te zorgen dat kwetsbaarheden en spanningen weggenomen worden. Bij een der- gelijke manier van werken past geen vast stappenplan maar zal de sociaal wer- ker telkens zijn aanpak af moeten stemmen op mensen met hun kwetsbaarhe- den en mogelijkheden in hun specifieke context. Tegelijk doet een sociaal werker ook niet zomaar wat. Om professioneel te werk te gaan is het belangrijk om te werken vanuit een methodisch handelings- model. Kenmerkend voor het modern sociaal werk is dat het handelingsmodel niet is dichtgetimmerd maar ruimte biedt voor aanpassingen aan specifieke si- tuaties die de sociaal werker tegenkomt. Het biedt enerzijds kaders en hand- vatten om te handelen, maar maakt tegelijk gebruik van de kracht van sociaal professionals om die kaders en handvatten aan te passen aan hetgeen nodig is, daarbij vertrouwend op de professionaliteit van de sociaal werker. In Dichterbij de basis wordt het cyclisch werken dat kenmerkend is voor het professioneel handelen van sociaal werkers op een dynamische wijze ingezet, passend bij wat de situatie op dat moment vraagt. Het boek maakt inzichtelijk hoe de sociaal werker in individuele situaties, vanuit het werken met gezinnen en groepen en op het gebied van samenlevingsopbouw, de eigen deskundigheid in kan zetten om de kwaliteit van leven van mensen te verbeteren. Empowerment vormt daarbij een sleutelbegrip. Met empowerment wordt beoogd mensen die te maken hebben met sociale uitsluiting weer in te slui- ten door hen met elkaar en de samenleving te verbinden, de mogelijkheden om greep op hun leven te krijgen te vergroten en kansen te benutten om hun maatschappelijke positie te verbeteren. Empowerment beperkt zich niet tot het individuele niveau, maar strekt zich ook uit tot het collectieve niveau en het politiek-maatschappelijke niveau. Gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het oplossen van sociale problemen is een essentieel uitgangspunt van de empo- wermentbenadering. Dit komt ook tot uitdrukking in het begrip wederkerig- heid dat naast empowerment ook een belangrijke plaats heeft in het gedachten- goed. Het gaat hier niet om het ‘voor-wat-hoort-watprincipe’ waarbij mensen

11

dichterbij de basis

iets terug moeten doen voor de hulp of ondersteuning die ze aangeboden krij- gen. Het begrip laat zien dat mensen niet alleen maar problemen hebben of kwetsbaar zijn, maar dat zij ook iets voor anderen (kunnen) betekenen. Een beroep doen op deze aspecten, naast het bieden van hulp of het verlenen van ondersteuning, verbindt mensen met elkaar en werkt helend. Op wederkerig- heid kan bewust aangestuurd worden in hulpverlening en maatschappelijke on- dersteuning. Centraal in Dichterbij de basis staat dat je dicht op de leefomgeving werkt van mensen voor wie en met wie je werkt (vandaar de keuze voor de titel Dichter- bij ). Met de verplaatsing van het werkterrein van de sociaal werker naar de da- gelijkse omgeving van mensen krijg je als sociaal werker zicht op wat er speelt en is er meer en beter zicht op de belemmeringen en de mogelijkheden die de directe leefomgeving biedt. Je bereikt mensen beter als de hulp en ondersteu- ning laagdrempelig en toegankelijk is, passend bij de leefsituatie en mogelijkhe- den van betrokkenen. In Dichterbij de basis is er daarom veel aandacht voor de startfase van hulp en ondersteuning. Kennis, vaardigheden en houdingsaspec- ten die de sociaal werker nodig heeft om professioneel te kunnen werken in de nabijheid van de cliënt komen ruim aan bod. In het sociaal werk komen meerdere sociale beroepen samen, die de cliënt zo veel mogelijk willen ontmoeten in zijn dagelijks leven en daar willen werken aan het verbeteren van zijn situatie. In het boek is er daarom veel aandacht voor de samenwerking met andere contacten waaronder dus met andere pro- fessionals. Je legt verbindingen met de sociale omgeving en activeert personen en organisaties in de sociale omgeving om rollen aan te nemen en taken die zij kunnen vervullen op zich te nemen en om mensen te helpen en te ondersteu- nen. Tegelijk draag je eraan bij dat de wijk en de buurt zich ontwikkelen tot een prettige leefomgeving. Bovendien opereer je als sociaal werker ook op bestuur- lijk niveau en speel je in op de verantwoordelijkheid van organisaties op het concreet invullen en naleven van basale waarden als sociale rechtvaardigheid, participatie, stabiliteit en mensenrechten. In Dichterbij de basis komen zowel het micro-, als het meso- en macroniveau van het moderne sociaal werk naar voren. In de eerste drie hoofdstukken van dit boek wordt ingegaan op de doelstelling, de achtergrond en de opzet van Dichterbij. Het eerste hoofdstuk belicht de ach- terliggende visie en de basishouding die het werken met Dichterbij vereist. Er wordt ingegaan op de theoretische bouwstenen en het belang van methodisch werken. In het tweede hoofdstuk staan de werkprincipes van Dichterbij cen- traal. Dat zijn de richtlijnen voor de professional die richting geven aan het han- delen en die moeten helpen om de doelstellingen van hulp en ondersteuning te bereiken. Sociaal werkers leren hierbij denken volgens regels en patronen, maar geven hieraan in de praktijk een eigen persoonlijke invulling. In hoofdstuk drie

12

inleiding

wordt het cyclisch werkproces uitgelegd en de zes verschillende taken die daar- bij horen. Het cyclisch werkproces wordt in de dagelijkse praktijk gehanteerd en helpt om greep te krijgen op de situatie van de cliënt(en). Het is flexibel toe- pasbaar, dat wil zeggen dat het zo is ingericht dat het zich in de praktijk naar eigen professioneel inzicht laat ‘kneden’. Het is dus – en het is goed om dat te benadrukken – geen blauwdruk of protocol. De vele voorbeelden illustreren de veelzijdigheid van toepassing in de praktijk. Elk van de drie hoofdstukken sluit af met praktijkgerichte opdrachten om studenten te helpen bij de transfer van theorie naar praktijk. Hoofdstuk 4 tot en met 9 besteden aandacht aan een van de taken van het cyclisch proces: contact tot stand brengen, situatie verkennen, situatie afwegen, wensen en oplossingen verkennen, plannen en acties uitvoeren en bijstellen, en evalueren en/of afsluiten. Deze zes taken worden niet noodzakelijkerwijs in een vaste volgorde uitgevoerd. Er wordt aangesloten bij waar de situatie op dat moment om vraagt. De cyclus wordt in de praktijk meerdere malen doorlopen. Centraal staat contact maken en snel in actie komen en van daaruit verder wer- ken. Soms is dat door meteen kleine acties in gang te zetten, soms is dat door de situatie eerst eens rustig te verkennen. Voor het verkennen zijn verschillende hulpmiddelen beschikbaar: bij concrete problemen zal een verkenning heel ge- richt plaatsvinden, maar vaak zal het eerst om een kennismaking gaan waarbij leefgebieden een goede ingang vormen. Ook voor het verkennen van participa- tiewensen en -mogelijkheden is een checklist beschikbaar, deze moet uiteraard lokaal toepasbaar gemaakt worden. Door de vele voorbeelden en opdrachten leren studenten dat er in de praktijk verschillende manieren van handelen zijn die zij naar eigen (gerijpt!) inzicht hanteren. Er is hierbij veel aandacht voor gesprekstechnieken en reflectie, zowel op het eigen handelen als op de cliëntsi- tuatie en de (maatschappelijke) context. Geïnspireerd op de cyclus en de voor- beelden kunnen docenten opdrachten veranderen, toevoegen of uitbreiden. In de bijlagen bij dit boek staan gereedschappen waarmee Dichterbij in de dagelijkse praktijk ondersteund kan worden. Daarbij focussen we vooral op de startfase van de hulp- en dienstverlening, en die van de eerste contacten. De instrumenten die we aanreiken zijn zo ingevuld dat het gemakkelijk wordt zo veel als mogelijk aansluiting te vinden bij de leefwereld van burgers, waar zich niet uitsluitend problemen aan zullen dienen, maar waarin ook krachten beslo- ten liggen. De hulpmiddelen om basisinformatie te verzamelen en participatie en ondersteuningsmogelijkheden in de nabije omgeving te selecteren, zijn op- genomen in dit boek. De hulpmiddelen om het netwerk in kaart te brengen en om te signaleren en door te vragen bij specifieke problemen staan op de bijbe- horende website ( www.coutinho.nl/dichterbijdebasis ). Hier zijn verschillende hulpmiddelen en verwijzingen naar relevante websites te vinden. We lichten nog enkele keuzen toe die we in het boek hebben gemaakt.

13

dichterbij de basis

In de tekst zullen we steeds over ‘hij’ spreken als we het over de sociaal werker hebben. We zijn ons ervan bewust dat de meeste sociaal werkers vrouwen zijn, maar hebben er toch voor gekozen de basisregels van de taal te volgen. Hierna zullen we voornamelijk spreken over de cliënt, ook als we het over meerdere leden van het cliëntsysteem hebben. Dat wordt dan uit de context duidelijk. Soms spreken we over de cliënt en zijn naasten, of betrokkene(n), om aan te geven dat één persoon primair onze aandacht heeft, maar dat we van daaruit ook met andere leden van het systeem te maken hebben. Met het begrip (cliëntsysteem) doelen we op alle direct betrokkenen en hun onderlinge verbanden. Ook zullen we in de teksten soms de term (wijk)bewoner of bur- ger gebruiken. Dit zal voornamelijk zijn wanneer mensen via derden onder de aandacht van het sociaal werk komen of wanneer een sociaal werker mensen aanspreekt zonder dat er direct al sprake is van een cliëntrelatie. Wanneer we aan de context van de hulp en ondersteuning refereren hebben we het niet alleen over betrokken personen, maar ook over de wijk of de buurt. Hierbij gaat het zowel over een stadse context als over een dorps- op het plat- teland. Aanwezige voorzieningen zullen daarbij in een dorps of plattelands- context een veel groter gebied bestrijken dan in een stad. Ook zullen niet alle voorzieningen nabij genoeg zijn om er gemakkelijk gebruik van te maken. Dit vergt creativiteit van sociaal werkers en maakt soms ook dat er andere keuzen gemaakt zullen moeten worden.

14

1

Dichterbij: visie en basishouding

Nancy (20 jaar) heeft haar middelbare school niet afgemaakt. In de tijd dat ze op de basisschool zat, waren er veel problemen thuis. Haar moeder was verslaafd aan alcohol en haar vader was afwezig. Uiteindelijk is Nancymet haar broertje bij pleegouders terechtgekomen. Haar jeugd heeft sporen nagelaten: Nancy is mak- kelijk beïnvloedbaar en impulsief. Een ‘verkeerd’ vriendje had veel invloed op haar. Ze heeft haar spaargeld aan hem uitgeleend en hij heeft haar bankrekening gebruikt om aankopen te doen via internet. Nancy heeft het uitgemaakt, maar zit nog wel met de onbetaalde rekeningen. Haar pleegouders weten van niets. Hun pleegdochter is op haar achttiende op kamers gaan wonen en had toen werk in een cateringbedrijf. Deze baan is ze inmiddels kwijt. Nancy weet niet hoe ze haar problemen moet oplossen. Ze zegt niet met internet te kunnen omgaan, snapt niets van de rekeningen die ze krijgt en dreigt nu uit haar kamer gezet te worden omdat ze een grote huurschuld heeft. Als sociaal werker heb je vaak te maken met mensen die in moeilijke levensom- standigheden verkeren. Soms zijn veel hulp en ondersteuning nodig om men- sen weer op de rails te krijgen, maar soms ook is een kleine handreiking vol- doende om de greep op het leven te versterken. Als niet ingegrepen wordt, dan kunnen de gevolgen groot zijn – met name wanneer de moeilijke omstandig- heden langer aanhouden. Mensen kunnen dan vastlopen in de samenleving en geïsoleerd raken. Zij verliezen de greep op hun leven en beschikken niet (meer) over voldoende hulpbronnen om de moeilijkheden op eigen kracht te overwin- nen. De factoren die hierbij een rol spelen zijn heel divers: ■■ Persoonlijke beperkingen: denk aan mensen met een (lichte) verstandelijke beperking of mensen die psychisch kwetsbaar zijn. ■■ Persoonlijke omstandigheden: zoals ziekte van de persoon zelf of van zijn naasten en intensieve zorg als mantelzorger. ■■ Levensomstandigheden: slechte huisvesting, een onveilige buurt met veel vandalisme en criminaliteit. ■■ Afkomst: iemand die opgroeit in een gezin dat in armoede leeft, waar ver- waarlozing speelt en waar talenten niet erkend of gestimuleerd worden, zal later eerder in een kwetsbare positie raken dan iemand die liefdevol opge-

15

1  dichterbij: visie en basishouding

voed wordt in een gezin met ruimere financiële middelen en die gestimuleerd wordt zich te ontwikkelen. Denk bijvoorbeeld ook aan het opgroeien in een vluchtelingengezin dat kampt met ontworteling en traumaverwerking. Het risico op daadwerkelijke problemen wordt nog eens versterkt door maat- schappelijke factoren. Zo zijn de eisen die de maatschappij stelt steeds hoger geworden. Mensen hebben bijvoorbeeld velerlei praktische en bureaucratische vaardigheden nodig om een huishouden draaiende te houden. Als je weet dat een op de negen Nederlanders laaggeletterd is (Greef, Segers, & Nijhuis, 2014), dan begrijp je dat veel mensen problemen ervaren met zelfredzaamheid. Daar- bij spelen ook economische en politieke factoren een rol. Als sprake is van hoge werkloosheid zullen mensen met minder bagage eerder uit de boot vallen en sneller problemen ervaren en afhankelijk worden. Zeker als ook nog eens sterk de nadruk wordt gelegd op eigen verantwoordelijkheid en als allerlei onder- steunende voorzieningen verdwijnen of minder toegankelijk gemaakt worden, bijvoorbeeld door eigenbijdrageregelingen of indicatie-eisen. Of iemand in staat is moeilijkheden en problemen te overwinnen, is dus een samenspel van persoonlijke factoren en omstandigheden en maatschappelijke, economische en politieke factoren. Het sociaal werk heeft de opdracht mensen te ondersteunen in het (weer) op- bouwen van zelfredzaamheid, maar ook in het leren omgaan met onvermogen en kwetsbaarheid en het gebruikmaken van formele en informele netwerken en voorzieningen en van de kansen die de samenleving biedt. Zo nodig lost de sociaal werker, samen met andere professionals, problemen op waar cliënten of burgers zelf niet (meer) uitkomen. Het uiteindelijke doel is dat iedereen zo goed mogelijk tot zijn recht komt. Daar waar de omstandigheden systematisch ongunstig zijn en de sociale rechtvaardigheid in het gedrang is, heeft sociaal werk de taak om dit te signaleren en aan de orde te stellen bij andere organisa- ties en de (lokale) overheid. Denk bijvoorbeeld aan het signaal dat veel ouderen ’s avonds niet alleen op straat durven. Je kunt dit wijten aan eigen gevoelens van kwetsbaarheid en onterechte angst voor jonge mensen of groepjes die op straat rondhangen, maar als het om een slecht verlichte wijk gaat met onoverzichtelij- ke hoeken en bovengemiddeld veel criminaliteit, dan ligt het voor de hand daar de aandacht (ook) op te vestigen. Nancy is niet goed opgewassen tegen de eisen die het volwassen leven aan haar stelt: ze is niet weerbaar genoeg en het lukt haar niet voor werk en inkomen te zorgen. Ze dreigt af te glijden naar een leven in de marge van de samenleving. Door haar een steuntje in de rug te bieden, kan dit hopelijk voorkomen worden. Het is belangrijk om haar inzicht en vaardigheden te vergroten, zodat haar zelf- helpend vermogen toeneemt. Door tevens haar talenten te onderzoeken en te

16

1.1  methodisch werken

helpen ontwikkelen, krijgt ze meer toekomstperspectief. Via een inloopspreek- uur van het welzijnswerk komt Nancy in contact met Opmaat, een buurtvoor- ziening waar professionals en vrijwilligers ontmoeting en ondersteuning bieden. Hier kan ze een paar keer per week terecht om alle kwesties die spelen door te spreken en te leren oplossen. Zo krijgt ze hulp van een vrijwilliger die haar helpt om stap voor stap haar financiële administratie op orde te krijgen. Een sociaal werker helpt Nancy met de schulden en stimuleert haar weer contact met haar pleegouders te zoeken en andere steunende contacten te leggen. Ook doet Nan- cy een cursus computervaardigheden die bij Opmaat gegeven wordt. Ze leert in deze cursus ook hoe ze moet solliciteren. Nancy wordt uitgenodigd om zelf vrij- williger te worden bij een activiteit. Omdat ze van koken houdt, gaat ze helpen bij de eetgroep. Uiteindelijk gaat Nancy met financiële steun van haar pleegouders weer terug naar school. Ze gaat de opleiding Voeding en horeca doen. Methodisch werken Nancy is door het sociaal werk geholpen op een manier die haar sterker heeft gemaakt. Ze heeft in en door de activiteiten bij Opmaat een steunend sociaal verband gevonden waarbinnen ze zich kan ontwikkelen. Ze worstelt niet meer in haar eentje met de problemen van het dagelijks leven. Met de juiste steun lukt het haar zich staande te houden in de maatschappij en een toekomst op te bouwen. Ten slotte heeft ze ontdekt dat ze ook iets te bieden heeft aan anderen. Dit is de kern van waar het in het sociaal werk om gaat: mensen in hun sociale omgeving sterker maken door hen toegang te laten krijgen tot persoonlijke, so- ciale en maatschappelijke hulpbronnen (zie paragraaf 1.2). Methodisch werken biedt sociaal werkers handvatten ommensen te ondersteu- nen op een manier die hen vaardiger maakt in het oplossen van hun problemen en in het ontdekken en realiseren van hun mogelijkheden. Anderzijds biedt het handvatten om de omstandigheden waarin mensen verkeren te benoemen en aan te kaarten bij verantwoordelijke instanties, en ze zo mogelijk positief te beïnvloeden. Om dit te kunnen doen, moet je inzicht krijgen in de welzijnsbe- hoeften van de mensen voor wie je werkt en in de (on)mogelijkheden die de maatschappij biedt om mensen tot groei en ontwikkeling te laten komen. Om de behoeften van mensen te kunnen peilen, is direct contact met hen nodig. Een betrokken houding maakt het mogelijk hun leefomgeving te leren kennen en toegang tot hen te krijgen. Daarnaast moet je de lokale mogelijkheden ken- nen en leren beïnvloeden om deze zo aan te wenden dat de mensen voor wie je werkt er hun voordeel mee kunnen doen. Trek aan de bel als sprake is van belemmeringen door wet- en regelgeving of door niet goed functionerende in- stanties. Dit hoort bij de signaleringstaak van sociaal werk. Uiteindelijk gaat

1.1

17

Made with